Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

Inleiding Jesaja (NBV)

Het bijbelboek dat naar Jesaja is genoemd, is een verzameling van profetische uitspraken. De profetieën hebben betrekking op een periode van minstens driehonderd jaar in de geschiedenis van Israël en Juda.

Titel van het boek

Het boek Jesaja ontleent zijn naam aan een profeet, Jesaja, de zoon van Amos. Jesaja leefde in Jeruzalem en trad als profeet op in de periode 750-700 voor Christus.

Inhoud

Men onderscheidt meestal drie delen in het boek Jesaja:

  • Jesaja 1-39: De eerste verzameling profetieën bestaat uit de hoofdstukken 1-39. Het noordelijke rijk Israël en het zuidelijke rijk Juda worden bedreigd door Assyrië. Maar Jesaja waarschuwt voor een ander groot gevaar: vertrouwen op samenwerking met Egypte en op anti-Assyrische bondgenootschappen. Dat betekent voor Jesaja dat men niet op God en zijn verbond vertrouwt. Hij waarschuwt zijn hoorders dat ze op die manier aan hun eigen ondergang werken.
  • Jesaja 40-55: De tweede verzameling profetieën bestaat uit de hoofdstukken 40-55. De profetieën hebben betrekking op de tijd dat veel mensen uit Juda weggevoerd zijn naar Babel en daar verblijven zonder hoop of perspectief (587-538 voor Christus).
  • Jesaja 56-66: De derde verzameling bestaat uit de hoofdstukken 56-66. Deze profetieën hebben betrekking op de tijd na de terugkeer van de ballingen uit Babel.

Plaats in de Bijbel

Jesaja maakt deel uit van de ‘grote profeten’. De drie profetenboeken Jesaja, Jeremia en Ezechiël worden zo genoemd vanwege hun omvang.
In de Bijbel is Jesaja het eerste van deze drie boeken. Deze volgorde is bepaald door de tijdsaanduidingen die in de eerste verzen van deze boeken staan.

Datering

Het boek Jesaja bevat materiaal uit diverse perioden.

Eerste lagen

Het boek heeft zijn oorsprong in de profetieën van Jesaja over de situatie van Juda in de achtste eeuw voor Christus. Deze profetieën werden opgeschreven en later weer toegepast op nieuwe situaties. De oude teksten werden opnieuw geïnterpreteerd, bewerkt en uitgebreid.
De ontwikkeling van deze teksten tot het uiteindelijke boek is nauw verweven met de geschiedenis van Juda. Sporen van allerlei historische gebeurtenissen uit de achtste tot de vijfde eeuw voor Christus zijn in het boek terug te vinden.

Definitieve versie

In de Perzische periode werden de contouren van het uiteindelijke boek Jesaja zichtbaar. De laatste aanvullingen en bewerkingen zijn gedaan om het boek meer een geheel te laten zijn.
Uit de oude stukken, herlezingen en nieuwe teksten ontstond één groot Jesajaboek, dat zijn definitieve vorm kreeg in de laat-Perzische of vroeg-hellenistische tijd (ongeveer vierde eeuw voor Christus).

De eerste verzameling profetieën is te vinden in Jesaja 1-39. Dit gedeelte wordt ook wel Proto-Jesaja genoemd, ‘de eerste Jesaja’.

Inhoud

In Jesaja 1-39 kunnen zes onderdelen onderscheiden worden:

  • Jesaja 1-5: een algemene inleiding op de profetie van Jesaja, en een aantal profetieën over Juda en Jeruzalem.
  • Jesaja 6-12: vooral autobiografische gegevens over Jesaja. Zijn optreden wordt geplaatst ten tijde van koning Achaz. De profetieën gaan over de ondergang van Assyrië en over de komst van een vredevorst en een vrederijk. Aan het slot is een danklied opgenomen.
  • Jesaja 13-23: een verzameling van profetieën die vooral tegen andere volken gericht zijn, bijvoorbeeld tegen Babel.
  • Jesaja 24-27: dit gedeelte wordt ook wel de Apocalyps van Jesaja genoemd (zie apocalyptiek). Dit soort apocalyptische literatuur kennen we ook uit de boeken Joël en Zacharia, en vooral uit het boek Daniël.
  • Jesaja 28-35: profetieën over de bedreiging van Jeruzalem door de Assyrische koning Sanherib omstreeks 701 voor Christus. Ze worden gevolgd door profetieën die bedoeld zijn om mensen in een noodsituatie moed in te spreken en hoop te geven op een nieuwe toekomst.
  • Jesaja 36-39: een verhalende tekst over het optreden van Jesaja ten tijde van het beleg van Jeruzalem door Sanherib, en vooral over zijn houding tegenover koning Hizkia in die tijd.

Thema’s

Belangrijke thema’s in de profetische uitspraken van Jesaja zijn:

  • het Davidische koningshuis;
  • Jeruzalem als koningsstad en plaats van de tempel;
  • kritiek op cultische en sociale misstanden;
  • de ondergang van vijandige volken.

Een opvallend motief is de dag van de HEER: de dag waarop God niet alleen straft, maar ook redding zal brengen.
In veel van zijn profetieën roept Jesaja op tot een andere levenswandel. Op verwijtende toon stelt hij verwerpelijk gedrag aan de kaak.
Maar Jesaja bemoedigt ook, met heilsaankondigingen die soms gaan over de komst van een messiaanse figuur met de naam Immanuel. Immanuel betekent: ‘God met ons’ (zie bijvoorbeeld Jesaja 7:14).

Stijl

Het proza in Jesaja 1-39 heeft een vrij neutrale stijl.
De stijl van de poëzie is beeldend, krachtig en compact. Het taalgebruik is vaak tamelijk verheven, behalve als de profeet onverbloemd en scherp over misstanden spreekt.

Datering

Waarschijnlijk heeft de profeet Jesaja geleefd en geprofeteerd tussen ongeveer 750 en 700 voor Christus. In de eeuw daarna werden zijn woorden waarschijnlijk voor het eerst opgeschreven en bewerkt.

In de hoofdstukken 40-55 staat een tweede verzameling profetieën in het boek Jesaja.

Deutero-Jesaja

Het tweede gedeelte van het bijbelboek Jesaja wordt toegeschreven aan een profeet die optrad tijdens de Babylonische ballingschap. De hoofdstukken 40-55 worden aangeduid met de term Deutero-Jesaja, ‘de tweede Jesaja’.
De profeet van Deutero-Jesaja wordt gezien als een geestverwant van de grote profeet Jesaja. Zijn profetieën hebben betrekking op een tijd zonder hoop of perspectief. Maar hij kondigt aan dat God het volk uit de ballingschap zal bevrijden. Hierbij zal Cyrus, de koning van de Perzen (601-530 voor Christus), een rol spelen (Jesaja 44:28-45:8). De terugkeer naar het eigen land wordt vergeleken met de uittocht uit Egypte: weer gaat het volk een nieuwe toekomst tegemoet.
De profeet roept zijn toehoorders op niet apathisch te blijven, maar terug te keren naar Jeruzalem.

Thema’s

Een belangrijk thema in dit gedeelte is dat de God van Israël heel anders is dan andere goden. Hij heeft de wereld geschapen en bepaalt de loop van de geschiedenis. Hij zal Israël in ere herstellen, en dan zal het een licht voor andere volken zijn.
Dat is vooral te lezen in de profetieën over de dienaar van de HEER (zie onder andere in Jesaja 42:1-9 en Jesaja 52:13-53:12).
In het Nieuwe Testament worden deze teksten vaak geciteerd in verband met Jezus.

Stijl

De hoofdstukken 40-55 zijn geschreven in een poëtisch verheven en beeldende stijl.

Datering

De Jesajatraditie groeide in de zesde en vijfde eeuw voor Christus verder. In die tijd werden er grote stukken toegevoegd die aan de basis liggen van Jesaja 40-55.
In deze hoofdstukken wordt commentaar geleverd op gebeurtenissen uit de tweede helft van de zesde eeuw: de ondergang van het Babylonische rijk en de vestiging van het Perzische Rijk van koning Cyrus.

In de hoofdstukken 56-66 staat een derde verzameling profetieën in het boek Jesaja.

Trito-Jesaja

Het derde gedeelte van het bijbelboek Jesaja wordt door veel wetenschappers toegeschreven aan nog weer andere profetische stemmen. Daarom wordt het wel Trito-Jesaja genoemd, ‘de derde Jesaja’.
Anderen zijn van mening dat Jesaja 56-66 een eenheid vormt met Jesaja 40-55, of zelfs dat heel Jesaja (hoofdstuk 1-66) een eenheid vormt.

Inhoud

De profetieën in Jesaja 56-66 hebben betrekking op de tijd na de terugkeer van de ballingen uit Babylonië. De nieuwe toekomst blijft uit en de teruggekeerde ballingen krijgen te maken met veel moeilijkheden. De profetieën zien hun slechte levenswandel als oorzaak daarvan. Ze roepen op om eerlijk en rechtvaardig te zijn, de sabbat in ere te houden en te blijven offeren en bidden.
Tegelijk wordt indringend verkondigd dat God zal waarmaken wat hij heeft beloofd, met name in Jesaja 60-62.

Datering

Het gedeelte Jesaja 56-66 moet waarschijnlijk gedateerd worden na de Babylonische ballingschap.

Gerelateerde Bijbelgedeelten

Jesaja 1
Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.19.2
Volg ons