Ik zou jullie nog veel meer willen vertellen over Christus, die onze hogepriester voor altijd is. Maar dat is allemaal moeilijk aan jullie uit te leggen. Want ik heb gemerkt dat jullie niet goed meer luisteren.
Als het gaat om het geloof, lijken jullie steeds meer op kleine kinderen die nog melk drinken bij hun moeder. Zulke kinderen kunnen nog niet vertellen wat goed en kwaad is. Volwassenen kennen het verschil tussen goed en kwaad wel. Dat hebben ze geleerd. Jullie zouden allang volwassen moeten zijn in je geloof. Jullie horen al zo lang bij Christus, dat jullie zelf uitleg over hem zouden moeten geven. Maar zo is het niet. Ik moet bij jullie eigenlijk helemaal opnieuw beginnen met mijn lessen over Christus!
Vrienden, wees toch volwassen in je geloof in Christus! Dan hoef ik niet weer bij de eerste lessen te beginnen. Jullie weten al dat je in God moet geloven. En dat je je leven helemaal moet veranderen.
En jullie weten ook hoe iemand bij de kerk kan gaan horen: Hij moet gedoopt worden. En als jullie daarbij je handen op zijn hoofd leggen, krijgt hij de heilige Geest. Ook weten jullie wat er aan het einde van de tijd gaat gebeuren: de doden zullen weer levend worden, en God zal rechtspreken over de wereld.
We zullen die eerste lessen dus overslaan, als God het goedvindt.
Als je bij Christus gaat horen, merk je hoe goed God voor je is. Je krijgt de heilige Geest, en je hoort het goede nieuws dat God aan de mensen vertelt. Ook maak je de wonderen mee die horen bij Gods nieuwe wereld. Maar als je daarna je geloof opgeeft, dan spot je met de Zoon van God. Dan is het net alsof je hem zelf aan het kruis hangt. En dan zul je nooit meer bij Christus horen. Want je kunt maar één keer in hem gaan geloven.
Stel dat er veel regen valt op een stuk land. Alleen als dat land het regenwater ook opneemt, kunnen er planten en bomen groeien om van te eten. Dan zegent God dat land. Maar als het land het water niet opneemt, groeien er alleen maar doornstruiken. Dan heeft niemand iets aan dat land. Het wordt door God vervloekt, en uiteindelijk wordt het platgebrand. Zo is het ook met mensen die gemerkt hebben hoe goed God voor hen is. Als zij hun geloof opgeven, zal God hen niet zegenen.