Handelingen 2:1-13 – Preekinspiratie
Waar gaat het om in dit gedeelte?
De vervulling van de Geest van de leerlingen is voor iedereen zichtbaar, merkbaar en verstaanbaar in de eigen moedertaal. Pinksteren overwint zo de verdeeldheid en afstand tussen groepen mensen. Wat bij de Babylonische spraakverwarring was ontstaan, wordt opgeheven niet ondanks, maar juist door de veelheid aan talen. Het rijk van de Geest heeft zo een ander karakter dan de imperia van deze wereld.
Klik hier om dit gedeelte te lezen in de NBV21
De komst van de heilige Geest
Hier
En wanneer je een Plus-account hebt, vind je hier
Context van Handelingen 2:1-13
Het boek Handelingen als geheel
Het boek ‘De handelingen van de apostelen’ is een boek over het begin en de ontwikkeling van de christelijke kerk. Lees hier meer over de inhoud en de opbouw van het boek.
Wilbert Dekker schreef een verdiepend artikel bij het boek Handelingen: De geloofwaardigheid van het evangelie en zijn verkondigers als sleutel tot het boek Handelingen
Plek van deze passage in het geheel
In het boek Handelingen draait het hoofdzakelijk om de verspreiding van het evangelie van Jezus vanuit Jeruzalem over de hele wereld. Dit kan alleen maar door de kracht van de Geest. Daarom is Handelingen 2:1-42 cruciaal in de opbouw van dit boek. In het voorgaande hoofdstuk is Jezus opgenomen in de hemel (Hand. 1:1-14) en hebben de apostelen Judas vervangen (Hand. 1:15-25). Hier wordt de vervulling beschreven van Jezus’ voorzegging dat de apostelen met de Geest zouden worden gedoopt. De universele reikwijdte die Lucas beschrijft (Hand. 2:9-11) hangt samen met een belangrijk thema in Handelingen: hoe het evangelie steeds meer mensen en volken bereikt.
Opbouw en kern van deze passage
Handelingen 2:1-13 beschrijft de komst van de Geest en de eerste reacties daarop. De passage maakt deel uit van een samenhangende episode (Hand. 2:1-47), waarin Petrus vervolgens de gebeurtenissen uitlegt (Hand. 2:14-42) en het leven van de eerste gemeenschap van leerlingen kort beschreven wordt (Hand. 2:43-47).
Terwijl de leerlingen bij elkaar zijn, worden allen van de Geest vervuld (Hand. 2:1-4). Vers 5-13 beschrijft de reactie van vrome Joden die verbleven in Jeruzalem. De beschrijving van hun verbazing (vers 5-7 en 12) omkranst de opsomming van hun herkomst (vers 9-11). Anderen reageren spottend (vers 13).
Aantekeningen per vers
Bij vers 1
De komst van de heilige Geest
- de dag van het Pinksterfeest: De naam van het feest komt van het Griekse woord ‘vijftig’ (pentēkostē) en duidt op het Wekenfeest dat zeven weken plus één dag na Pesach werd gevierd, ook wel het feest van het begin van de oogst (Ex. 34:22; Le. 23:15-16; Num. 28:26; Tob. 2:1; 2 Mak. 12:32). De latere joodse traditie bracht het Wekenfeest in verband met de wetgeving op de Sinai, zeven weken na de uittocht uit Egypte.
- allen: Dit kan op de groep van honderdtwintig leerlingen slaan (Hand. 1:15) of de apostelen die direct hiervoor in Handelingen 1:26 genoemd werden. Lucas is er elders duidelijk over dat elke gelovige de Geest ontvangt (Hand. 2:17-18; 4:31; 10:44). Hoe dan ook legt hij hier de nadruk om de omvattendheid van het gebeuren (vers 1-3: ‘allen’, ‘ieder’, ‘allen’)
Tobits blindheid
Judas vervangen
Bij vers 2
- het huis: Behalve een woonhuis kan hiermee ook het tempelgebouw en bijbehorende ruimtes bedoeld zijn; vergelijk Lucas 11:51, waar hetzelfde Griekse woord wordt vertaald met ‘heiligdom’ of ‘tempelgebouw’.
- als: Een beschrijving in vergelijkingen: ‘als van een hevige windvlaag’, ‘als vuurtongen’. Deze scène vertoont een aantal overeenkomsten met de goddelijke openbaringen in het Oude Testament (zie Ex. 19:18; 1 Kon. 19:11-12; Jes. 29:6; 30:27-28).
Bij vers 3
- vuurtongen: Vuurtongen en vuur in het algemeen zijn binnen en buiten de Bijbel symbool van Gods aanwezigheid (Ex. 3:2; 14:24; 19:18; 1 Hen. 14:8-25; 71:5). In Lucas 3:16 kondigde Johannes de Doper de komst van de messias aan die zou ‘dopen met de heilige Geest en met vuur’ en in Handelingen 1:5 kondigde Jezus de doop met de Geest aan. Ook kan gedacht worden aan Gods vurige verschijning bij de Sinai volgens Exodus 19:18. Inderdaad beschreven Joodse auteurs uit de tijd van Lucas Gods verschijning op de Sinai met vergelijkbare verschijnselen. Zoals bij de Sinai het verbond met Israël werd gesloten, zo luidt de komst van de Geest definitief de tijd van het nieuwe verbond in (vgl. Luc. 22:20; Hand. 3:25; 13:38-39). Het nieuwe verbond vraagt gehoorzaamheid aan Jezus, waardoor Israël hersteld wordt en in staat is de zegen van het verbond aan alle volken door te geven.
- tongen (…) talen: Beide woorden zijn vertaling van hetzelfde Griekse woord.
Bij vers 4
- allen werden vervuld van de heilige Geest: Dit werkwoord beschrijft in de rest van het boek een plotselinge vervulling met de Geest, die in staat stelt om in naam van God een taak uit te voeren of te spreken (Hand. 4:8, 31; 13:9. Vgl. Luc. 1:15, 41, 67). Overeenkomstig de aankondiging van Jezus (Hand. 1:8) daalt de Geest neer op de leerlingen (of de apostelen). Dit kan gelezen worden als een parallel van het moment waarop Jezus in Luc. 3:21-22 de Geest ontvangt.
- spreken in vreemde talen: In de verzen 7-11 wordt duidelijk dat er hier geen sprake is van klanktaal zoals elders in het Nieuwe Testament (bijv. Hand. 10:46; 19:6; 1 Kor. 12:10; 14:6-19). Barrières tussen volken op basis van taalverschillen (vgl. Gen. 11) worden op deze manier uit de weg geruimd. De Geest maakt bekwaamd om over landsgrenzen heen profetisch getuigenis af te leggen (Hand. 1:8), en niets kan de bekwaamheid om zulke barrières te overschrijden beter symboliseren dan het vermogen om, door de inspiratie van de Geest, te spreken in talen die men niet heeft geleerd.
De toren van Babel
Van Sem tot Abram
Terach
Bij vers 5
- In Jeruzalem woonden destijds: Handelingen 2:5 opent een nieuwe alinea, waarin nieuwe participanten worden geïntroduceerd en een overgang plaatsvindt van privé naar publiek. Weliswaar was het Pinksterfeest een van de grote feesten waarvoor Joden uit de hele wereld een bedevaart ondernamen naar Jeruzalem, toch lijken deze vrome Joden eerder mensen die zich vanuit andere landen voor kortere of langere tijd in Jeruzalem gevestigd hadden.
- ieder volk op aarde: Letterlijk ‘uit ieder volk onder de hemel’. Deze uitdrukking past in het streven van Lucas om aan te sluiten bij de taal van de Septuaginta, het Griekse Oude Testament (vergelijk Deut. 2:25). In de vertaling is gekozen voor ‘op aarde’ om omdat dit semitische taaleigen anders opvallender zou klinken dan het bedoeld is. Het gaat om Joden uit de diaspora die alle volken van de aarde symboliseren.
Bij vers 6
- raakten (…) in verwarring: Het aan dit werkwoord verwante zelfstandige naamwoord is in de Griekse vertaling van Genesis 11 de naam voor Babel: Verwarring. Hier in Handelingen ontstaat verwarring doordat de spraakverwarring juist wordt opgeheven.
Bij vers 7
- Galileeërs: Door rabbijnen werden Galileeërs soms als middelmatige geleerden en als onbespraakt beschouwd.
Bij vers 9
- Parten, Meden (…) proselieten: Deze lijst van volken en gebieden is kennelijk bedoeld om het internationale karakter van deze menigte aan te duiden (zie vers 5). De ordening van de lijst is ondoorzichtig. De lijst begint met drie volken ten oosten van het Romeinse rijk en vervolgt geografisch tegen de klok in met inwoners uit allerhande plaatsen en eilanden. Zoals in antieke geschiedschrijving machtsgebieden van heersers werden opgesomd, zo wijst deze opsomming op de nieuwe wereldorde van de Geest, die zich zover uitstrekt als de bewoonde wereld, maar wezenlijk anders is dan de aardse imperia.
Bij vers 11
- Arabië: De vertaling met ‘Arabieren’ (zoals die te lezen is in veel vertalingen) is enigszins misleidend, omdat daar tegenwoordig iets anders onder verstaan wordt. Het relatief kleine gebied Arabië waarop hier wordt geduid, ligt ten zuiden van de Dode Zee, ook wel het gebied van de Nabateeërs genoemd. Het is ook mogelijk dat Lucas, overeenkomstig de Romeinse bestuurlijke indeling, een groter gebied op het oog had. Toch wordt vandaag het woord ‘Arabieren’ geassocieerd met een nog veel uitgestrekter gebied. Daarom is in de NBV21 gekozen voor ‘mensen uit Kreta en Arabië’.
- proselieten: Mensen die zich tot het Jodendom hebben bekeerd. In de NBV21 is ‘zowel Joden als proselieten’ achter ‘mensen uit (...) Arabië’ geplaatst om aan te geven dat al de genoemde mensen geboren Joden of proselieten zijn.
Bij vers 13
- Ze zullen wel dronken zijn: De (Herziene) Statenvertaling en de NBG-vertaling 1951 kiezen voor een formulering met ‘vol zoete wijn’. Dit legt echter in het Nederlands het accent op een bepaalde alcoholische drank, met name door het gebruik van het bijvoeglijk naamwoord. Het verschijnsel van de vermeende dronkenschap raakt zo op de achtergrond, terwijl het daar juist om gaat. Om die reden is gekozen voor de functionele vertaling met ‘dronken’. De schamperende opmerking suggereert dat ze wartaal spreken, wat in tegenspraak lijkt met de eerdere aanduiding dat de mensen hen in hun eigen taal hoorden spreken (vers 4). Van sommige christenen was het bekend dat ze spraken op een manier die rationeel gezien nergens op leek te slaan (1 Kor. 14:23). Dergelijke vormen van extatische of esoterische spraak zijn ook te vinden in Joodse teksten en in bepaalde Griekse cultussen, vooral die van Dionysus.
Bron: Willibrodvertaling 2012, aangepast
Bron: Het Nieuwe Testament met Joodse Toelichtingen, aangepast
Bron: Het Nieuwe Testament met Joodse Toelichtingen
Bron: Studiebijbel in Perspectief
Bron: Studiebijbel in Perspectief, aangepast
Achtergrondinformatie
Bijbel Basics
Een bijpassend Bijbel Basics item vind je hier
Toelichting bij kernwoorden en begrippen
Verdieping bij thema’s
- De geloofwaardigheid van het evangelie en zijn verkondigers als sleutel tot het boek Handelingen | Wilbert Dekker
- Een nieuwe wereldorde. Een exegetische schets bij het pinksterverhaal in Handelingen | Peter-Ben Smit
- De toren van Babel en de talen van de volken | Arie van der Kooij
- In deze editie van Met andere Woorden (sept. 2006)
staat een artikel ‘Pinksteren of de vijftigste dag’ van Rieuwerd Buitenwerf
Inspiratie in video en tekst
Bekijk de video
met Ilse Visser, jongerenpastor PKN Leiden
Lees hier de tekst van de video
Taal. Het is voor mij echt één van de allermooiste dingen die er is. Woorden, zinnen die ons helpen om met elkaar verbinding te krijgen. Misschien spreek je meer dan één taal, waarschijnlijk zelfs een tweede of een derde. Soms moet het vanwege je werk of omdat je niet in je thuisland woont. Maar toch: je moedertaal, de taal van je hart, die blijft heel erg waardevol. Er is bijna niks dat je zo kan aanspreken dan die eigen taal.
We gaan naar het Pinksterverhaal. Daar op die dag in Jeruzalem waren mensen uit alle windstreken. Ze spraken verschillende talen. Waarschijnlijk kon iedereen zich goed redden in het Grieks. De taal van die tijd en ook de taal van het Nieuwe Testament. En toch is dat niet de taal geworden van de kerk. Nee, als de leerlingen gaan spreken, dan hoort iedereen die boodschap in de taal van hun eigen hart.
Wat ontzettend bijzonder die boodschap van God. Zo direct. Het laat iets zien van de wereldkerk die zal ontstaan. Een kerk met mensen uit alle talen en uit alle culturen. En het laat ook iets zien dat er geen eerste en tweede rangschristenen zijn. Geen mensen die die woorden wel in hun eigen taal horen en mensen die het maar met een tweede of derde taal moeten doen. Dat is ook de reden dat de Bijbel nog steeds op allerlei plekken over de hele wereld vertaald wordt.
En steeds als dat gebeurt zie je weer iets van dat wonder van Pinksteren. En het laat ook iets zien dat Gods verhaal niet abstract en theoretisch is, maar dat het heel persoonlijk is. Dat het je hart wil raken en juist in de taal van je hart tot je komt.
Ik heb dat gezien toen ik in Malawi werkte als bijbelvertaler. Dat was het ontzettend bijzonder en bijna niet te beschrijven wat er gebeurde als mensen voor het eerst die Bijbel in hun eigen taal hoorden of lazen. Je hoorde gelach, gehuil, zingen, dansen, alle emoties door elkaar. Zo bijzonder vonden het mensen het dat die woorden van God nu ook in hun taal beschikbaar waren. Het opende als het ware een hele nieuwe deur van spreken en communiceren met God. En vaak zeiden ze: “Nu Hij tot mij in mijn taal spreekt, voel ik me vrij om ook met Hem te praten.”
En dat is natuurlijk niet alleen iets van ver weg, van daar in Malawi of in een ander ver land, maar ook hier. Waarschijnlijk heb jij de mooie positie dat je die woorden van God mag delen met anderen. De doelgroep die voor je zit, die leeft in een specifieke context. Die spreekt een bepaalde taal en jij mag de brug slaan tussen dat eeuwen oude verhaal en die taal van hen. En dat mag je samen doen met de Geest. Dan dan wordt het echt opnieuw pinksteren! Dan zul je zien dat die woorden opnieuw het hart raken!
Ter inspiratie: Van veraf komt de Geest heel dichtbij
Pinksteren is het indrukwekkende openingsakkoord van de kerk. De heilige Geest wordt uitgegoten en allen die het horen en zien, zijn verwonderd. Een belangrijk moment voor de kerk, omdat Jezus’ aankondiging dat zijn leerlingen de kracht van de Geest zouden ontvangen om zijn getuigen te zijn (Hand. 1:8), werkelijkheid wordt. Als een wind, als vuurtongen, als verstaanbare taal: hoorbaar én zichtbaar worden de apostelen van de Geest vervuld.
Doordat de Geest vanuit de hemel dichtbij komt (vs. 2), vallen barrières weg. De spraakverwarring van Babel (Gen. 11) wordt overwonnen. Dit gebeurt doordat allen op wonderbaarlijke wijze horen over Gods grote daden in hun moedertaal. Gods boodschap is geen abstractie, slechts toegankelijk voor een enkeling, maar heel concreet en op ieder persoonlijk gericht, in de taal van het hart. Lucas noemt bewust groepen mensen uit alle windstreken. Zo vallen de barrières tussen volken weg. Er zijn geen eerste- en tweederangs gelovigen. Maar ook de barrières tussen mannen en vrouw (zie de profetie van Joël waar Petrus naar zal verwijzen) en tussen rijk en arm worden weggehaald (zie de gezamenlijke maaltijd aan het eind van Handelingen 2). Dit laatste wijst ook vooruit naar de feestelijke maaltijd in Gods nieuwe wereld (zie Jes. 25:6-9). Als de Geest dichtbij komt, komen mensen bij elkaar.
Deze tekenen die de komst van de Geest begeleiden, komen eerder al sporadisch in het Oude Testament voor, maar verschijnen nu intensiever (allemaal tegelijk) en extensiever (iedereen is betrokken). Dit alles markeert een wending in de wereldgeschiedenis. Lucas focust hierbij niet op de reactie van de apostelen, maar op wat zij teweegbrengen bij anderen. Dat is verwondering en ontvankelijkheid, maar ook spot en weerstand. De beweging van de Geest richting alle mensen, waarbij zij heel persoonlijk worden aangesproken in de taal van hun hart, is een uitnodiging, die tegelijk vraagt om een keuze: laat je je wel of niet meenemen in die beweging?
