Context en aantekeningen bij Job 2:1-10
Het boek Job als geheel
Plek van deze passage in het geheel
Jobs beproeving
Opbouw en kern van de passage
Uitgelicht
‘Satan’ is hier niet zozeer een eigennaam als wel de aanduiding van een hemelbewoner die in de goddelijke raad de functie van aanklager vervult. De satan is hier (nog) geen duivel.
