Tim Thijs Ketting over zijn worsteling: ‘Als je naar minder ik wilt, moet je eerst naar meer ik’


De reis naar minder ik. Als je 33 bent en je je allereerste boek zó noemt, heb je heel wat meegemaakt. En inderdaad, Move-oprichter en mediastrateeg Tim Thijs Ketting – ‘nee, geen familie van Ben’ – leerde harde levenslessen. In zijn boek geeft hij die mee aan jonge mensen. Waarom moest dat boek er komen?
‘Als mede-oprichter van jongerencommunity Move
Vastgelopen
Drie jaar geleden was Tim Thijs somber en moe. ‘Ik liep vast, ook al bleef ik wel aan het werk. Ik zocht hulp en dat hielp. Niet dat alle problemen daarna voorbij waren, want ik heb een bepaalde gevoeligheid overgehouden aan mijn jeugd. Ik kom uit een evangelisch gezin. Mijn ouders deden ontwikkelingswerk op Sri Lanka waar ik me bij moest aanpassen. Later heb ik zelf veel gereisd in Afrika en Oost-Europa. Daar ontmoette ik mensen die niks hadden. Toch waren die gelukkiger en rustiger dan ik. Dat vond ik heel confronterend. Toen ik vorig jaar afscheid nam van Move, had ik de tijd om over mijn leven na te denken en erover te schrijven. Dat werd het boek De reis naar minder ik.’
Waarom doe je (niet) wat je (niet) doet?
De kernvraag van het boek is: Hoe kan het dat wij, terwijl we alles hebben, worstelen met onszelf, en dat mensen die veel minder hebben gelukkiger zijn? Tim Thijs: ‘In dit boek vertel ik over mijn levenslessen. Ook neem ik je mee op een reis die vanbinnen begint, maar daar niet stopt. Als je in een christelijk gezin opgroeit, is de kans groot dat je thuis en in de kerk hoort dat je de wereld beter moeten maken. Op zich prima, maar ik stel je wel de vraag: waaróm doe je (niet) wat je (niet) doet. Paulus worstelde daar ook mee. In Romeinen 7 zegt hij: wat ik zou willen doen, doe ik niet, en wat ik niet wil, doe ik juist wel. Dat was voor mij een ontdekking: hé, Paulus had dat ook! Paulus nam de tijd voor zelfonderzoek. Hij vertelt in Galaten 1 dat hij na zijn bekering een tijd in Arabië was. Niemand weet wat hij daar gedaan heeft. Ik vermoed dat hij met zijn “ik” aan de slag moest en zijn zwarte kanten en beschadigingen onder ogen moest zien. Pas daarna begon hij aan zijn werk als apostel. Pas nadat hij ontdekt had dat hij genadig naar zichzelf mocht kijken dankzij de heilige Geest.’
Dat lijkt op de ervaring van de woestijnvaders
Eerst meer ik
Tim Thijs: ‘Als je naar minder ik wilt, moet je eerst naar meer ik. Je moet eerst onderzoeken wie je bent. Niet voor niks zegt de Bijbel: heb God en je naaste lief als jezelf. Heb je geaccepteerd wie je bent en hoe je gevormd bent? Heb je ook je littekens geaccepteerd? Als je jezelf zo onderzoekt, begrijp je beter waarom je doet wat je doet. Pas daarna kun je op een ontspannen manier iets goeds doen in deze wereld. In de therapie ontdekte ik dat mijn hechting ontregeld is geraakt doordat er bij mijn geboorte het een en ander mis ging. Ik lag een korte periode in de couveuse en kon later wekenlang niet bij mijn moeder zijn toen zij in het ziekenhuis belandde. Daar kwam nog bij dat ik opgroeide in een samengesteld adoptiegezin met veel onenigheid. Ook verbleven we een heel aantal zomers in Sri Lanka voor zendingswerk. Dat alles heeft mij gevormd. Ik dacht dat ik een wereldverbeteraar moest worden.’
Zo’n proces van zelfonderzoek gaat niet zonder inspanning. Want hoe loopt dit af, als je als kind geen onvoorwaardelijke liefde hebt ervaren, of weinig affectie hebt meegekregen? Tim Thijs: ‘Ik moest van een arbeider een kind worden, van een werker voor God een zoon van God worden. Ik moest leren ontspannen. Ook als ik nooit meer iets zou doen voor God en voor de wereld, ben ik nog steeds even geliefd. Die waarheid moest ik mezelf elke keer inprenten. Het gaat met deze waarheid net als bij het afkicken van een verslaving. Eerst is dat hard werken. Dan komt er een fase waarin het geen moeite meer kost om van die sigaret af te blijven.’
Het afpellen van de ui
Tim Thijs had de proloog van zijn boek net geschreven, toen hij zijn oudste zus Lorraine hoorde zeggen dat zij haar leven een ruime voldoende gaf. Ze was ernstig ziek en overleed in januari 2026. Hij vroeg zich af hoe het kon, dat zij haar leven een voldoende gaf, terwijl hij zich toen somber en leeg voelde. Ze kwam met het voorstel om haar weg met haar ziekte en met God vast te leggen.
Tim Thijs: ‘Dat zijn we gaan doen in de Minder ik podcast
Jezus vertrouwen
Tim Thijs beseft dat dit niet meevalt. ‘Jezus ontmoet een rijke jongeman (Matteüs 19:16-22) en zegt dan dat het gemakkelijker is voor een kameel om door het oog van een naald te gaan, dan voor een rijke om Gods koninkrijk binnen te gaan. Maar ik weet inmiddels dat Jezus volgen uiteindelijk betekent: gelukkig zijn. Mensen die dat doen noemt Jezus in zijn Bergrede
Het koninkrijk van de hemel binnengaan
Jezus blijven volgen, terwijl je bezig bent jezelf te onderzoeken en te dealen met je emoties – hoe doe je dat? Tim Thijs: ‘Je wilt nu natuurlijk graag horen: door elke dag in de Bijbel te lezen, haha! Nou, het is niet per se iets doen. Het is: Jezus blijven vertrouwen. Of ik dat nu pas doe? Hm… als kind deed ik dat ook al. Kinderen hebben een groot vertrouwen. Op dat vermogen moeten we zuinig zijn!’
Tim Thijs leest ‘s morgens een psalm of iets uit het Nieuwe Testament. ‘Dat geeft mij power. In de weekenden lees ik meer, bijvoorbeeld het hele verhaal van Jakob. Dan kan ik me met hem identificeren en leren van de les die hij moest leren. Waarom worstelde hij met God bij de Jabbok? Omdat hij dat zijn hele leven al deed. Hoe kwam dat? En wat voor beeld had hij van God? Kortom, het levert me zoveel op dat ik tegen iedereen zeg: lees nou eens een héél verhaal uit de Bijbel!’.
Wake me up
Tim Thijs is een van de sprekers van de dagelijkse jongerenpodcast Wake me up
In dit filmpje vertelt Tim Thijs waarom hij Romeinen 8:1 de mooiste Bijbeltekst vindt:
Leven door de Geest
Interview en tekst: Peter Siebe





