Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap
15 mei 2024

9 Bijbelteksten over het gezin

Huisje, boompje, beestje – en ze leefden nog lang en gelukkig. Zo gaat dat altijd in de Bijbel. Of toch niet? Wie denkt dat je in de Bijbel alleen maar perfecte gezinnen tegenkomt, komt al snel bedrogen uit. Maar het gezin speelt wel degelijk een belangrijke rol, al is het misschien op een andere manier dan je in eerste instantie zou denken.

Gezinnen in de Bijbel

Adams zonen

1De mens had gemeenschap met Eva, zijn vrouw, en zij werd zwanger en bracht Kaïn ter wereld. ‘Met de hulp van de HEER,’ zei ze, ‘heb ik het leven geschonken aan een man!’ 2Daarna bracht ze zijn broer Abel ter wereld. Abel werd herder, Kaïn werd landbouwer.

Genesis 4:1-2NBV21Open in de Bijbel

‘In den beginne’ is het allemaal vrij overzichtelijk: God schenkt Adam een vrouw en samen krijgen ze twee zoons met elk hun eigen passie. In de rest van Genesis 4 lees je echter dat het al gauw enorm uit de hand loopt tussen die twee. Toch begint Gods werk daar pas; Hij laat niet los waar Hij eenmaal aan begonnen is.

1Toen Jakob zag dat Esau met vierhonderd man op hem afkwam, verdeelde hij de kinderen over Lea, Rachel en zijn twee bijvrouwen.

Genesis 33:1NBV21Open in de Bijbel

3Zelf liep hij voor iedereen uit, en terwijl hij zijn broer naderde boog hij zevenmaal diep voorover. 4Esau rende hem tegemoet, sloot hem in zijn armen en kuste hem; beiden huilden.

Genesis 33:3-4NBV21Open in de Bijbel

Jakob en Esau hebben ook een relatie waar veel mis mee is. Jakob heeft Esau en zijn vader ernstig bedrogen en uiteindelijk is Jakob weggevlucht voor zijn woedende broer. Wat moet Jakob bang zijn geweest bij hun weerzien, vele jaren later. Toch laat Esau zijn boosheid varen; de broederband overwint.

15‘Kijk, je schoonzus gaat terug naar haar volk en haar god,’ zei Naomi, ‘ga haar toch achterna!’ 16Maar Ruth antwoordde: ‘Vraag me toch niet langer u te verlaten en terug te gaan, weg van u. Waar u gaat, zal ik gaan, waar u slaapt, zal ik slapen; uw volk is mijn volk en uw God is mijn God.

Ruth 1:15-16NBV21Open in de Bijbel

Een familieband hoeft echter niet per se een bloedband te zijn; Ruth blijft trouw aan Naomi, ook al is daar praktisch gezien geen reden meer toe. Toch is de band met haar schoonmoeder zo sterk dat ze bereid is haar overal te volgen.

4. Toen Jezus zijn moeder zag staan, en bij haar de leerling van wie Hij veel hield, zei Hij tegen zijn moeder: ‘Vrouw, dat is uw zoon,’ en daarna tegen de leerling: ‘Dat is je moeder.’ Vanaf dat moment nam die leerling haar bij zich in huis.
Johannes 19:26-27

26Toen Jezus zijn moeder zag staan, en bij haar de leerling van wie Hij veel hield, zei Hij tegen zijn moeder: ‘Vrouw, dat is uw zoon,’ 27en daarna tegen de leerling: ‘Dat is je moeder.’ Vanaf dat moment nam die leerling haar bij zich in huis.

Johannes 19:26-27NBV21Open in de Bijbel

Iets vergelijkbaars gebeurt met Maria en Johannes. Terwijl Jezus aan het kruis hangt, zorgt Hij ervoor dat noch zijn geliefde leerling noch zijn moeder alleen achterblijft. Door zijn woord ontstaat een nieuw gezin.

Het gezin van gelovigen

32Er zat een groot aantal mensen om Hem heen. Toen er tegen Hem gezegd werd: ‘Uw moeder en uw broers staan buiten en zoeken U,’ 33antwoordde Jezus: ‘Wie zijn mijn moeder en mijn broers?’ 34Hij keek de mensen aan die in een kring om Hem heen zaten en zei: ‘Jullie zijn mijn moeder en mijn broers. 35Want iedereen die de wil van God doet, die is mijn broer en mijn zus en mijn moeder.’

Marcus 3:32-35NBV21Open in de Bijbel

Jezus komt met een nieuwe definitie van het gezin op de proppen: ‘iedereen die de wil van God doet’. Is het ‘normale’ gezin dan dus niet belangrijk? Integendeel. Jezus’ definitie is een uitbreiding daarop en maakt dat iedereen in de kring van gelovigen een wam en veilig thuis kan vinden.

10Heb elkaar lief met de innige liefde van broeders en zusters en acht de ander hoger dan uzelf.

Romeinen 12:10NBV21Open in de Bijbel

In de gemeente spreken mensen elkaar dan ook niet voor niets aan als broeders en zusters; het veronderstelt een innige band die onderlinge verschillen overstijgt.

1Een pelgrimslied van David.

Hoe goed is het, hoe heerlijk

als broeders bijeen te wonen!

Psalmen 133:1NBV21Open in de Bijbel

Geloof in het gezin

14Nu dan,’ vervolgde Jozua, ‘eerbiedig de HEER, dien Hem met onvoorwaardelijke trouw en doe de goden weg die uw voorouders ten oosten van de Eufraat en in Egypte hebben gediend. Dien alleen de HEER. 15Als u daar niet toe bereid bent, kies dan nu wie u wel wilt dienen: de goden van uw voorouders ten oosten van de Eufraat of de goden van de Amorieten, van wie u nu het land bewoont. Ikzelf en mijn familie zullen de HEER dienen.’

Jozua 24:14-15NBV21Open in de Bijbel

Het geloof kan iets zijn wat gezinnen verbindt en verenigt omdat je samen dezelfde God dient. Jozua toonde zich niet alleen een goed leider maar ook een vader naar Gods hart toen hij zei: ‘Ikzelf en mijn familie zullen de HEER dienen.’

1Kinderen, wees gehoorzaam aan je ouders uit ontzag voor de Heer, want zo hoort het. 2‘Toon eerbied voor uw vader en moeder,’ dat is het eerste gebod waaraan een belofte verbonden is: 3‘Dan zal het u goed gaan en zult u lang leven op aarde.’ 4Vaders, maak uw kinderen niet verbitterd, maar vorm en vermaan hen, zodat u ze opvoedt zoals de Heer dat wil.

Efeziërs 6:1-4NBV21Open in de Bijbel

Binnen het gezin speelt ieder zijn of haar eigen rol: gehoorzamen, eerbied hebben, vormen, vermanen of opvoeden. Dat werkt altijd twee kanten op. Heb elkaar lief als kinderen van dezelfde Vader, zowel binnen het traditionele gezin als in Gods gezin.

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.19.1
Volg ons