Genesis 6:9-22 – Preekinspiratie


Waar gaat het om in dit gedeelte?
Genesis 6:9-22 vertelt de aankondiging van de zondvloed door God aan Noach. De aarde wordt geteisterd door onrechtvaardigheid. Noach is de enige die rechtschapen bevonden wordt. Om die reden kiest God hem uit om de schepping te redden en om met hem een verbond te sluiten.
Het Bijbelse zondvloedverhaal gaat over de vernietiging van de aarde en alles wat daarop leeft. Maar door hóé het wordt verteld ligt de nadruk op de redding van Noach en de mensen en dieren met hem in de ark.
Klik om deze passage te lezen in de NBV21
Hier
En wanneer je een Plus-account hebt, vind je hier
Invalshoeken voor de verkondiging
- Genesis 6:9-22 spreekt van hoop in tijden van onrecht. Al is de aarde vervuld van onrecht, toch heeft dit niet het laatste woord. God is begaan met het onrecht en geweld op aarde. Zoals het bloed van Abel naar Hem schreeuwde van de aarde (Gen. 4:10), zo schreeuwt nog steeds het bloed van slachtoffers van geweld en onrecht naar God. En ook al zegt God (Gen. 9
) dat Hij nooit weer een allesverwoestende vloed over de aarde zal laten komen, Hij blijft zich teweerstellen tegen onrecht en geweld volgens de hele Bijbelse getuigenis. De passage kan ons een hoopvolle toekomst voorspiegelen in een tijd waarin we geconfronteerd worden met allerlei vormen van onrechtvaardigheid. We mogen erop vertrouwen dat onrecht niet zal overwinnen. - In Genesis 6:9 wordt Noach als een rechtschapen en onberispelijk man getypeerd die in verbondenheid met God leefde. Dit in tegenstelling tot zijn tijdgenoten. Aangezien Noach als enige goed bevonden wordt door God, functioneert hij als een voorbeeld voor ons vandaag. Wat betekent het tegenwoordig om rechtschapen te zijn en in verbondenheid met God door het leven te gaan?
- In het Bijbelse zondvloedverhaal wordt benadrukt dat naast de mensen ook alle diersoorten worden behoed voor de ondergang. Noach moet ze huisvesten, in de ark verwelkomen, en van voedsel voorzien. Er mag geen soort verloren gaan. Vandaag worden we allen opgeroepen het voorbeeld van Noach te volgen. De aarde kreunt onder het ecologische vraagstuk. De passage nodigt ons uit om, net zoals Noach, de opdracht van God te aanvaarden, zijn schepping te redden en de biodiversiteit te koesteren. In het verhaal moet Noach een ark bouwen. Dit is een heel concrete handeling. Op welke manier kunnen mensen vandaag hun verantwoordelijkheid voor de schepping en God veruitwendigen?
- Het verhaal van de zondvloed heeft iets ongemakkelijks. Omwille van het onrecht veegt God zomaar bijna alles wat leeft van de aarde en begint opnieuw. Slechts enkelen worden gespaard. God wordt hier afgebeeld als straffer én als redder. Voornamelijk met dat eerste hebben mensen soms veel moeite. Hoe kan God zomaar bijna alles vernietigen alsof het niets is? Toch heeft het verhaal iets herkenbaars en verwoordt het een verlangen dat we allemaal weleens hebben. Wie wil er nu niet een wereld zonder onrecht, om vervolgens met een tabula rasa te beginnen?
Context van Genesis 6:9-22
Het boek Genesis als geheel
Meer over zaken als de historische context, opbouw, centrale thema’s en andere achtergrond bij het boek Genesis vind je in deze Inleiding bij het boek Genesis
Plek van deze passage in het geheel
Genesis 6:9-22 volgt op de geslachtslijst van Adam tot Noach (Gen. 5
De verzen 9-22 beschrijven de opdracht van God voor Noach en de belofte van een verbond dat God met Noach zou sluiten.
Opbouw en kern van de passage
In de verzen 9-10 komt Noach op het toneel. Hij is een rechtvaardig man die in verbondenheid met God leeft. Daarna krijgen we een beschrijving van de situatie op aarde: de mensheid is verdorven en slecht (vs. 11-12). Om die reden zal God een einde maken aan de mensheid en de aarde (vs. 13).
In verzen 14-16 wordt Noach opgedragen om een ark te bouwen en krijgt hij specifieke instructies mee. Ook kondigt God aan dat Hij de aarde met water zal overspoelen en alles wat op aarde leeft zal doden (vs. 17). Echter, Noach en zijn gezin tezamen met één paar van alle levende wezens zullen in leven blijven (vs. 18-20). Ook moet Noach een voorraad eten aanleggen (vs. 21).
De passage sluit af met de vermelding dat Noach de opdracht van God aanvaardt en uitvoert (vs. 22).
Aantekeningen per vers
Bij vers 9
Noach en de zondvloed
- Dit is de geschiedenis van: Tôlǝdōt in het Hebreeuws. De toledot-formule komt tienmaal voor in Genesis (zie, o.a., Gen. 2:4, 5:1; 25:19; 37:2) en geeft het boek een zekere structuur.
- rechtschapen: Ṣadîq in het Hebreeuws. Noach leeft een rechtschapen leven in gemeenschap met God, zijn familie en zijn gemeenschap. In Ezechiël 14:14 wordt met hetzelfde woord verwezen naar zowel Noach als Job en Daniël. In dit vers is het de eerste keer in de Hebreeuwse Bijbel dat het woord voorkomt.
- onberispelijk: Tāmîm in het Hebreeuws. Noach leidde een onberispelijk leven, in tegenstelling tot de andere mensen van zijn generatie. Dit zorgt er mede voor dat God hem spaart.
- leven (…) in verbondenheid met God: Letterlijk: wandelde met God. Hetzelfde wordt ook gezegd over Henoch (Gen. 5:22, 24), die door God weggenomen werd.
Bij vers 11
- onrecht: In het Hebreeuws staat er ḥāmās, wat letterlijk ‘geweld’ betekent. Het gaat hier over zowel individueel als maatschappelijk geweld dat plaatsvindt. In die zin dekt de vertaling ‘onrecht’ een breder betekenisveld dan het woord ‘geweld’.
Bij vers 12
- Toen God zag (…) slecht was: Dit versdeel is een toespeling op het eerste scheppingsverhaal uit Genesis 1 waar God zag dat de schepping zeer goed was (zie Gen. 1:31).
- iedereen: kol-bāśār in het Hebreeuws, letterlijk: alle vlees. Het duidt hier niet enkel op de mensen maar ook op alle andere levende wezens (uitgezonderd vissen). Zie in dit verband, bijvoorbeeld, Genesis 6:13 en 17.
Bij vers 13
- Vanaf vers 13 tot vers 20 spreekt God tot Noach. In deze rede geeft God aan dat Hij de aarde en alles wat leeft zal vernietigen omdat deze vol onrecht is. Vervolgens geeft Hij Noach de opdracht om een ark te bouwen. De mensen en dieren die met Noach in de ark zullen gaan, zullen in leven blijven.
- onrecht: Zie toelichting bij vers 11.
Bij vers 14-16
- De verzen 14-16 geven uitleg over de bouw van de ark, dat wil zeggen de afmetingen, de materialen en de eigenschappen van de ark.
- ark: Tēbâ in het Hebreeuws, betekent ‘kist’, ‘bak’ of ‘doos’. Het woord wordt verder in de Bijbel enkel gebruikt in Exodus 2:3 en 2:5 om het mandje aan te duiden waarin Mozes door zijn moeder wordt gelegd. De vertaling ‘ark’ komt van het Latijnse arca (‘kist’). In de Vulgata wordt arca, ‘ark’, gebruikt voor het Hebreeuwse woord tēbâ in Genesis én voor het Hebreeuwse woord ʾărôn, de ‘ark van het verbond’. Zo is in Bijbelvertalingen de traditie ontstaan dat de term ‘ark’ wordt gebruikt voor twee voorwerpen die in het Hebreeuws niet verbonden zijn (de ark van Noach en de ark van het verbond) terwijl de link tussen de ‘kist’ van Noach en de ‘mand’ van Mozes juist uit beeld is verdwenen.
- el: Ongeveer 44 centimeter. De lengte van de ark bedraagt ruim 130 meter, de breedte zo’n 22 meter en de hoogte 13 meter.
Bron: Willibrordvertaling 2012
Bij vers 17
- grote vloed: Mabbûl in het Hebreeuws. Dit woord zal nog meerdere keren voorkomen in de volgende hoofdstukken (Gen. 7-11). Naast het gebruik in Genesis wordt het woord enkel nog gebruikt in Psalm 29:10. In die tekst zetelt God boven de vloed die boven het hemelgewelf rust. In het Bijbelse wereldbeeld bevindt zich er een watermassa boven het hemelgewelf. Het hemelgewelf zorgt ervoor dat de watermassa de aarde niet verzwelgt.
Bij vers 18
- verbond: Verbond (bǝrît) is een belangrijk theologisch woord in het Oude Testament, dat hier voor de eerste keer aangehaald wordt. De verbondsgedachte tekent zich doorheen het Oude Testament. Denk in dit verband aan het verbond met Abraham (Gen. 15:18) en met het volk Israël (Ex. 19:5). Hier in Genesis 6 gaat het over een belofte die God doet ten opzichte van Noach. Er is geen sprake van wederkerigheid. Het verbond waarvan hier melding wordt gemaakt, gaat over de bescherming en redding van de verschillende soorten levende wezens. Na de zondvloed, in Genesis 9:9-17, wordt dit verbond gesloten. Echter, in Genesis 9 is het niet enkel met Noach maar tevens met zijn nakomelingen en alle levende wezens dat God zijn verbond sluit. Er is een verband tussen het verbond dat vermeld wordt in Genesis 6 en dat van Genesis 9, maar ze verschillen enigszins van elkaar. In Genesis 9 wordt het verbond uitgebreid: (1) de begunstigden van de belofte worden uitgebreid van Noach naar alle overlevende levende wezens, de nakomelingen daarvan en de aarde; (2) de inhoud verschuift van het overleven van de vloed in de ark naar het leven op aarde zonder dreiging van een nieuwe vloed; (3) het krijgt een eeuwigheidsduur mee, wat uitgedrukt wordt in het teken van de boog in de wolken.
Bij vers 19
- van alle dieren (…) twee: Volgens de ene traditie moet Noach slechts één paar dieren meenemen, terwijl de andere traditie spreekt van zeven paren reine en één paar onreine dieren (Gen. 7:2-3).
Bij vers 20
- De opsomming van de soorten dieren in vers 20, namelijk vogels, vee en dieren die op de aarde rondkruipen, is dezelfde als in Genesis 1:20-25. De dieren die in het water leven worden hier niet genoemd. Dit is normaal, aangezien die niet getroffen worden door de zondvloed.
Achtergrondinformatie
Toelichting bij kernwoorden en begrippen
Ter inspiratie in video en tekst
Ter inspiratie: Ook alle oma’s?
Als er één Bijbelverhaal is dat je regelmatig tegenkomt in een speelgoedwinkel is dat wel het verhaal van Noach en zijn ark. Niets is natuurlijk leuker dan een verhaal dat aanleiding geeft om allerlei dieren te maken die kinderen vervolgens kunnen benoemen. Een lieflijk verhaal met allemaal schepselen van de Heer. Dat je er ook op een andere manier naar kunt kijken, blijkt uit een boekje dat vijftien jaar geleden is verschenen: Hoe komen we bij God? vroeg het kleine biggetje. Een boek voor iedereen die zich niets laat wijsmaken. In dit boekje, een pamflet geschreven door een fanatieke atheïst, worden het jodendom, het christendom en de islam langs een morele meetlat gelegd. Deze godsdiensten, zo betoogt de auteur, staan het zelfstandig denken in de weg. Biggetje en egeltje gaan op weg om God te vinden. Ze ontmoeten een rabbijn, die het volgende zegt:
‘Op een dag,’ zei de rabbijn, ‘was God de Heer zo kwaad geworden over de mensen dat hij besloot alle leven op aarde te vernietigen.’ ‘Al het leven?’ vroeg het biggetje geschrokken. ‘Alle mensenbaby’s, alle oma’s en alle dieren? Ook de biggen, de egels, de vlinders en de kleine cavia’s?’ (…) Zo veel verdronken baby’s, oma’s, biggetjes, egeltjes en cavia’s konden ze zich gewoon niet voorstellen. ‘Dat vind ik nou echt heel gemeen!’ dacht het biggetje en hij nam zich voor die meneer God eens flink op zijn tenen te trappen als hij hem bij toeval tegenkwam.
In de kerk zijn we niet gewend het verhaal zo letterlijk te nemen. We zijn immuun geworden voor de gruwelijke kanten ervan. We skippen deze ‘details’ en spoelen snel door naar de troostrijke belofte aan het einde. Toch is het goed om hier zo mee geconfronteerd te worden. Het is gewoon een gek en gruwelijk verhaal. Wie het letterlijk neemt, moet rekening houden met al die verdronken oma’s!
Wie het niet letterlijk neemt, kan het verhaal beter hebben. Dan is het een mythe, zoals je die in zoveel godsdiensten tegenkomt. Geen werkelijk verhaal over hoe God is, maar een verhaal dat ons oproept om even rechtschapen te zijn als de fictieve, maar ideale Noach. Dan vertelt het ons op een nuchtere manier over een ‘reset’ met de wereld die God doet nadat die eerste mensen hem zo tegengevallen zijn, gewoon alsof je je computer even aan en uit zet en daarna weer verdergaat.
Dan kun je daarna de nadruk leggen op het reddende karakter: God geeft de mensheid nog een kans. Ook alle dieren zullen bij God blijven leven. Dat is meer dan wij kunnen zeggen in een wereld waarin vele diersoorten uitsterven door ons handelen! Het teken van de regenboog laat zien dat God groter is dan zijn eerder veronderstelde wraakzucht of teleurstelling. Hij belooft dit nooit meer te doen. Geen zondvloed, geen vernietiging van de wereld, maar een verbond met de mensen. (Als je om je heen kijkt in de wereld, zou je kunnen bedenken dat God soms misschien weleens spijt heeft van die belofte.)
Het verhaal corrigeert een godsbeeld. We hoeven niet te geloven in een wraakzuchtige God die om de hoek klaarstaat om bij elke misstap ons te grazen te nemen. God zoekt rechtschapen mensen, maar Hij weet ook hoe wij zijn. Hij heeft er – als het ware – vrede mee dat wij mensen onvolkomen zijn. En toch gaat Hij een verbond aan en wil Hij met ons verder. Voorwaar een troostende gedachte als we die regenboog weer aan de hemel zien staan.
Tjaard Barnard, remonstrants predikant in Rotterdam en Nieuwkoop
Bekijk de video
Video volgt.
