Context en aantekeningen bij 2 Timoteüs 2:8-15
Hier vind je informatie over de context van 2 Timoteüs 2:8-15 en aantekeningen bij de tekst.
De Tweede Brief aan Timoteüs als geheel
Meer over deze brief als geheel lees je in deze inleiding
In deze 2 Timoteüs-serie gaat het om het volhouden in het geloof. Elk item heeft een eigen invalshoek:
- Met behulp van de heilige Geest (ga naar dit item
) - Met Jezus Christus in gedachten
- Met een bruikbaar kompas (ga naar dit item
) - Met het oog op Gods redding (ga naar dit item
)
Plek van deze passage in het geheel
In 2 Timoteüs 2 richt Paulus zich persoonlijk tot Timoteüs met verschillende aansporingen tot volharding in het zware werk (2:1-13). In 2 Timoteüs 2:14-4:5 volgen allerlei aanwijzingen om met dwaalleraren om te gaan. Thema’s die hier en elders terugkomen zijn het lijden omwille van het evangelie, de trouw van Christus in het lijden, en de redding die er is in het geloof.
Opbouw en kern van de passage
In 2 Timoteüs 2:8-13 onderbouwt Paulus zijn aansporingen aan Timoteüs theologisch. In vers 8-10 spoort Paulus hem aan om Jezus in gedachten te houden, in wiens spoor Paulus zelf is gegaan. In vers 11-13 citeert Paulus (waarschijnlijk) een hymne uit de vroege kerk die de luisterrijke toekomst bezingt die mensen wacht als ze volharden, de ongelukkige toekomst die mensen te wachten staat als ze hem verlaten, en ook dat God trouw is.
Vers 14-15 horen bij een volgende afdeling van de brief, namelijk aanwijzingen van Paulus om met dwaalleraren om te gaan. Timoteüs moet de gelovigen niet laten redetwisten en zelf een betrouwbare werker zijn die de waarheid regelrecht verkondigt.
Centraal staat voor Paulus de redding die er in Jezus is, die na de opstanding eeuwig leeft en eeuwig leven schenkt. De trouw van Jezus geeft hem zekerheid en hoop dat wat hij te verduren heeft tot redding is van hemzelf en anderen.
Uitgelicht
In de hymne die Paulus citeert valt op dat Jezus wel ons kan verloochenen, maar niet zichzelf. Zijn trouw blijft als een paal boven water staan, ook wanneer wij ontrouw zijn.
Aantekeningen
Bij vers 8
- Houd in gedachten: De Griekse vorm wijst op een voortdurend in gedachten houden in tegenstelling tot een eenmalig herinneren.
- Davids nakomeling: Men verwachtte dat de messias een nakomeling van koning David zou zijn (Jes. 11:1; Jer. 23:5-6; Joh. 7:42). Paulus haalt David weinig aan in zijn brieven (alleen in Rom. 1:3), maar verbindt het wel beide keren met de opstanding. In Romeinen wil hij, in navolging van de oudste christelijke overtuiging, benadrukken dat Jezus door zijn opstanding de messias en Gods Zoon is. In de pastorale brieven wordt Jezus nooit Zoon genoemd. Daarom ligt het hier meer voor de hand dat Jezus 'Davids nakomeling' genoemd wordt om de nadruk erop te leggen dat ‘Hij is geopenbaard in een sterfelijk lichaam’ (1 Tim. 3:16).
- uit de dood is opgewekt: Zie Romeinen 1:3-4; 2 Timoteüs 2:17-18. De opstanding van Jezus is de inhoud van het evangelie dat Paulus verkondigt.
Bij vers 9
- veel te verduren: Als trouwe dienaar van het evangelie heeft Paulus, net als Jezus, veel lijden moeten doorstaan (2 Tim. 1:12).
- misdadiger: Dit woord wordt ook gebruikt voor de twee misdadigers aan het kruis (Luc. 23:33). Gevangengezet worden als misdadiger draagt bij aan de vernederingen die Paulus ondergaat.
- gevangengezet (…) gevangenzetten: Paulus maakt hier duidelijk dat zijn gevangenneming het evangelie niet hindert. Paulus zet zijn eigen situatie in contrast met Gods woord, dat menselijke omstandigheden overstijgt, net zoals Jezus’ opstanding de dood overstijgt.
Bij vers 10-11a
- uitverkorenen: Deze term komt voor in het Oude Testament waar het vooral op Israël slaat (Jes. 65:9, 15; Ps. 88:4 [LXX]; Ps. 104:6 [LXX]; 1 Kron. 16:13), terwijl het in het Nieuwe Testament ook op de kerk betrekking heeft (1 Tes. 1:4; 1 Petr. 2:9; 2 Petr. 1:10) of op een groep gelovigen in het bijzonder (Tit. 1:1). In de huidige context heeft het woord de connotatie van degenen die aan het evangelie dat Paulus verkondigd heeft, vasthouden.
- opdat ook zij (…) redding (…) ontvangen: Vergelijk 1 Korintiërs 9:22-23. Paulus doet zijn uiterste moeite om mensen te behouden. De verkondiging van het evangelie heeft vaak lijden tot gevolg. Door dit te verdragen, dient hij de redding die Jezus brengt.
- Deze boodschap is betrouwbaar: Grieks pistos ho logos, ‘de(ze) uitspraak (is) betrouwbaar’, is een karakteristieke formulering in de pastorale brieven (1Tim. 1:15; 3:1; 4:9; Tit. 3:8).
Bij vers 11b-13
- In deze verzen wordt de luisterrijke toekomst bezongen die mensen wacht als ze volharden, de ongelukkige toekomst die mensen te wachten staat als ze hem verlaten, en ook dat God trouw is. Sommige uitleggers zien deze verzen als een lied of hymne uit de vroege kerk.
- In vier paren werkt Paulus uit wat ‘redding ontvangen’ betekent. In Christus Jezus zullen we met Hem leven en heersen als we met het sterven en volharden. In de context van deze brief: delen in het lijden omwille van het evangelie. Hem verloochenen betekent dat Hij ons verloochent in het oordeel, terwijl onze ontrouw niets kan afdoen aan zijn trouw. De laatste regel is een toelichting die uit de structuur van het lied valt: Christus kan zichzelf niet verloochenen.
- met Hem gestorven zijn: In de doop, vergelijk Romeinen 6. In deze context wordt ‘met Hem sterven’ doorgetrokken naar het lijden omwille van Christus.
- heersen: Vergelijk Openbaring 3:21. In de apocalyptische literatuur wordt speciaal aan martelaars toekomstige heerschappij toegezegd.
- Hem verloochenen (…) ons ook verloochenen: Vergelijk Matteüs 10:33, Lucas 12:8-9; 1 Korintiërs 3:17; 14:38. Verloochening is primair het afzweren van geloof of het toegeeflijk omgaan met dwaalleer. In de pastorale brieven geldt ook het nalaten van goede daden, zoals de zorg voor eigen familie of huisgenoten (1 Tim. 5:8), als verloochening.
- ontrouw (…) trouw: Zie Romeinen 3:3-4; Openbaring 19:11. Apistia is niet ongeloof maar betreft nalatigheid en uit zwakte begane zonden. Dat Christus Jezus desondanks trouw blijft, is in de structuur van de hymne een onverwachte wending. Gods realisering van de eeuwige redding en luister door Christus staat buiten kijf; Hij overwint ook zwakheid en ontrouw.
- zichzelf verloochenen kan Hij niet: Christus kan in het oordeel verloochenen wie Hem verloochent (vers 12b), maar de trouw aan zijn wil om mensen te behouden staat voorop.
Bij vers 14-15
Aanwijzingen voor de omgang met dwaalleraren
- verkondig regelrecht de waarheid: De uitdrukking betekent oorspronkelijk het maken van een rechte weg door onbegaanbaar gebied (bijvoorbeeld door een oerwoud of een woestijn). Waarschijnlijk bedoeld Paulus dat Timoteüs de waarheid moet verkondigen zonder zich af te laten leiden door te redetwisten (vers 14) of door te luisteren naar hol gezwets (vers 16).
Bron: Studiebijbel in Perspectief, aangepast
Bron: Willibrordvertaling 2012, aangepast
Bron: Het Nieuwe Testament met Joodse Toelichtingen, aangepast
Bron: Het Nieuwe Testament met Joodse Toelichtingen
Achtergrondinformatie
Verdieping
Bij deze serie schreven Ronald de Jong en Cor Hoogerwerf een verdiepend artikel over de brief als geheel
Ga op deze pagina direct naar:
- de Tweede Brief aan Timoteüs als geheel
- de plek van deze passage in dit geheel
- opbouw en kern van deze passage
- aantekeningen bij de verzen
- achtergrondinformatie bij kernwoorden en begrippen
