Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

Filippenzen-serie

In de zondagen na Pasen lezen we enkele passages uit Paulus’ brief aan de Filippenzen, omdat deze goed bij de tijd na Pasen passen. Zo klinkt Filippenzen 2:1-11 vlak na Pasen als een krachtige uitnodiging om het paasmysterie in de levenshouding van de gemeente te laten doorwerken. In deze christologische hymne wordt Christus’ weg van zelfontlediging, gehoorzaamheid en verheffing getekend als het hart van Gods handelen. Na Pasen wordt duidelijk dat de weg van de gekruisigde én opgestane Heer niet alleen een gebeurtenis is om te vieren, maar een patroon om na te volgen: nederigheid, eensgezindheid en zelfgave worden gezien als de concrete gestalte van opstandingsleven binnen de gemeenschap. De paasboodschap vormt een nieuw soort gemeenschap – geworteld in het denken en doen van Christus zelf.

Filippenzen 4:4-9 sluit daar naadloos bij aan, maar legt het accent op de vruchten van het opstandingsleven in het hart van de gelovige. De oproep tot vreugde, zachtmoedigheid en gebed is geen moralistische aansporing, maar een leven dat mogelijk wordt gemaakt door de nabijheid van de opgestane Heer. In het licht van Pasen krijgt ook ‘de vrede van God, die alle verstand te boven gaat’, een nieuwe diepte: het is de vrede die voortvloeit uit Christus’ overwinning op dood en angst. Dit biedt aanknopingspunten om te preken over een spiritualiteit die door Pasen gevormd is – een leven waarin Gods vrede en goedheid de gedachten bewaken en richting geven aan het nieuwe bestaan.

Deze serie biedt Preekinspiratie bij de volgende teksten:

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.42.3
Volg ons