13Ja, mijn dienaar zal slagen,
hij zal groots zijn en hoogverheven.
14Zoals hij velen deed huiveren
– zo mismaakt was hij, zo weinig menselijk zijn aanblik,
zijn uiterlijk had niets meer van een mens –,
15zo zal hij veel volken opschrikken,
en koningen zullen sprakeloos staan.
En zij aan wie niets was verteld, zullen zien,
zij die niets hadden gehoord, zullen begrijpen.