4‘Ga met de gordel die je gekocht hebt en die je om je middel draagt naar de Eufraat en verberg hem daar in een rotsspleet.’ 5Ik verborg de gordel bij de Eufraat, zoals de HEER mij gezegd had. 6Geruime tijd later zei de HEER: ‘Ga naar de Eufraat en haal de gordel tevoorschijn, die je daar op mijn bevel verborgen hebt.’ 7Ik ging naar de Eufraat, haalde op de plaats waar ik hem verborgen had de gordel tevoorschijn en zag dat hij vergaan was. Hij diende nergens meer toe.