Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

3de van de herfst

Oude Testament

Het lied van de wijngaard

1Voor mijn geliefde wil ik zingen

het lied van mijn lief en zijn wijngaard.

Mijn geliefde had een wijngaard,

op een vruchtbare helling gelegen.

2Hij bewerkte de grond, haalde de stenen eruit

en plantte een edele druivensoort.

Hij bouwde er een wachttoren,

hakte ook een perskuip uit.

Hij verwachtte veel van zijn wijngaard,

maar die bracht slechts wrange druiven voort.

3‘Welnu, inwoners van Juda en Jeruzalem,

spreek recht tussen mij en mijn wijngaard.

4Wat kon ik meer aan mijn wijngaard doen,

wat heb ik te weinig gedaan?

Ik verwachtte zoveel van mijn wijngaard,

waarom bracht hij slechts wrange druiven voort?

5Luister, ik zal jullie vertellen

wat ik met mijn wijngaard ga doen:

Ik ruk de doornhaag uit en breek de muur af,

zodat hij vertrapt en geplunderd kan worden.

6Ik zal hem laten verwilderen,

er wordt niet meer gesnoeid, niet meer gewied,

dorens en distels schieten er op.

De wolken zal ik opdragen

geen regen op hem te laten vallen.’

7Israël is de wijngaard van de HEER van de hemelse machten,

de gekoesterde planten zijn de inwoners van Juda.

Hij verwachtte recht, maar oogstte onrecht,

Hij zocht rechtsbetrachting, maar vond rechtsverkrachting.

Jesaja 5:1-7NBV21Open in de Bijbel
Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.16.16
Volg ons