Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

10-05-2026

HOMILETIEK (preekvoorbeeld en inspiratie)

Jezus zegt in de evangelielezing: ‘Als gij Mij liefhebt, zult u mijn geboden onderhouden.’ Jezus liefhebben vraagt dus iets van ons: ‘zijn geboden onderhouden.’ Nu hebben geboden in onze tijd geen goede naam. Veel mensen beginnen te protesteren als ze iets wordt opgelegd. We maken het liever zelf uit. Ook sommige politici doen daaraan mee. Als een besluit dat op democratische wijze tot stand is gekomen, hen niet zint roepen ze mensen op om te protesteren. En die protesten kunnen behoorlijk uit de hand lopen.

Zijn de geboden van Jezus dan anders? Eerder in het evangelie van Johannes geeft Jezus een nieuw gebod: ‘Heb elkaar lief. Zoals Ik jullie heb liefgehad, zo moeten jullie ook elkaar liefhebben. Aan jullie liefde voor elkaar zal iedereen zien dat jullie mijn leerlingen zijn.’ Jezus zegt dit nadat Hij de voeten van zijn leerlingen heeft gewassen. De voetwassing is het teken van zijn dienstbaarheid. Hij liet op die manier zien dat wij dienstbaar moeten zijn aan elkaar.

Het Griekse woord voor ‘liefde’, zoals dat in het evangelie gebruikt wordt, laat dat ook zien. Het is agape en dat betekent een liefde die gericht is op de ander. Een liefde die zoekt wat het beste is voor de ander. Het gebod van Jezus houdt dus in dat we ons niet richten op onszelf, maar juist op de ander. En gaat dat altijd vanzelf? Nee, dat kunnen we overal zien. Je moet voor jezelf opkomen is iets wat we vaak horen. En daar is op zich niets mis mee. We hoeven niet als makke schapen van alles te ondergaan. Je bewust zijn van je eigen rol en je eigen plaats in de wereld is belangrijk. Als je niet voor jezelf zorgt, dan kun je ook niet voor anderen zorgen. Zorgen voor een ander is niet alleen geven. Het is ook ontvangen. We kunnen door te zorgen voor anderen zelf een beter mens worden. Dat geldt voor de zorg voor mensen vlak om ons heen: onze kinderen, onze ouders en allen met wie we nauw verbonden zijn. Maar de liefde en zorg voor elkaar, zoals Jezus bedoelt, beperkt zich niet tot onze directe omgeving. Het verrijkt ons ook als we verbonden zijn met mensen die verder van ons afstaan.

We zien dat ook in de eerste lezing: de diaken Filippus wordt erop uitgestuurd om Jezus als de Messias, de Christus te verkondigen en hij kan rekenen op grote belangstelling. De mensen zijn geraakt door zijn woorden. Filippus doet dat in Samaria en dat is niet zomaar. Samaritanen en Joden hadden een moeizame verhouding. Zo hoorden we in het evangelie van Lucas dat Samaritanen weigeren om Jezus en zijn leerlingen door hun land te laten trekken. En in de parabel van de barmhartige Samaritaan wordt verteld dat het juist een Samaritaan is die echt helpt. Filippus gaat dus op weg naar de ander.

Een groep die anders is dan de groep waar hij uit voorkomt.
Wij kunnen ook op weg gaan naar de ander. In meerdere plaatsen zijn er initiatieven om mensen met elkaar in contact te brengen. Een gezamenlijke maaltijd, een spelletjesmiddag of -avond samen met mensen uit andere landen en andere culturen of geloven. Een manier om niet als vreemden naast elkaar te leven in stad of dorp, maar om elkaar te leren kennen en van elkaar te leren. In plaats van de ander op afstand te houden kunnen we ook proberen elkaar te ontmoeten. Het klinkt simpel, maar is het ook zo eenvoudig? Tegenstellingen worden vaak opgeklopt. Er is veel onrust in ons land, in de wereld en soms ook in ons eigen hart. We voelen ons niet altijd zeker en veilig genoeg om echt naar andere mensen toe te gaan. Jezus weet dat, daarom belooft Hij een helper, de geest van de waarheid. De geest die ons helpt om te kiezen voor wat echt belangrijk is. Nu is die geest geen geheimzinnige kracht die ons influistert wat we wel of niet zouden moeten doen. Het is niet iets buitenaards. We zeggen weleens dat we handelen in de geest van bijvoorbeeld vader of moeder als die er niet meer is. We denken ons dan in: wat zouden zij doen als ze in dezelfde omstandigheden waren. Ik denk dat we op dezelfde manier kunnen praten over de geest van waarheid, die God ons via Jezus geeft. Wat zou Jezus zeggen of doen als Hij in deze omstandigheden was.

En wat Hij doet, leren we uit dat nieuwe gebod: ‘Heb elkaar lief. Zoals Ik jullie heb liefgehad. Aan jullie liefde voor elkaar zal iedereen zien dat jullie mijn leerlingen zijn.’ Dat is de geest van waarheid die God ons geeft. Hoe kunnen we elkaar tot steun zijn. En dat geldt natuurlijk voor onze directe omgeving, onze familie, onze buren. Maar Jezus trok zich niet alleen het lot aan van zijn directe naasten. Zijn aandacht ging uit naar mensen die verder van Hem afstonden. Hij ging op zoek naar mensen buiten zijn eigen kring. Net als Filippus deed in de eerste lezing. Wij zien Jezus niet meer in levende lijve. Niet als mens die tussen ons in loopt, maar zijn geest kan in ons tot leven komen. De geest die ons leert om op zoek te gaan naar elkaar.
Als we het gebod van Jezus om elkaar lief te hebben volgen, dan groeien we in menszijn. We groeien in menselijkheid, we worden er betere mensen van.

door: drs. Frans Broekhoff
bron: Tijdschrift voor Verkondiging 98-03

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.42.5
Volg ons