Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

1/10 - Paulus’ bedoeling met de brief

Bijbeltekst(en)

1Van Paulus, dienaar van Christus Jezus, geroepen tot apostel en uitgekozen om het evangelie van God te verkondigen, 2dat al bij monde van zijn profeten in de heilige geschriften is beloofd: 3het evangelie over zijn Zoon – als mens voortgekomen uit het nageslacht van David, 4aangewezen als Zoon van God en met macht bekleed door de heilige Geest, toen Hij opstond uit de dood –, Jezus Christus, onze Heer. 5Hij heeft mij de genade geschonken apostel te zijn, opdat ik omwille van zijn naam aan alle volken gehoorzaamheid en geloof zou verkondigen – 6ook aan u, die geroepen bent door Jezus Christus. 7Aan allen in Rome, geliefden van God, geroepen om zijn heiligen te zijn. Genade zij u en vrede van God, onze Vader, en van de Heer Jezus Christus.

8Allereerst dank ik door Jezus Christus mijn God voor u allen, omdat er in de hele wereld over uw geloof gesproken wordt. 9God, die ik door de verkondiging van het evangelie over zijn Zoon vol overgave dien, is mijn getuige dat ik u onophoudelijk in mijn gebeden noem. 10En altijd vraag ik dan of ik door Gods wil in de gelegenheid zal zijn om eindelijk naar u toe te komen. 11Want ik verlang ernaar u te ontmoeten en u te laten delen in een geestelijke gave, om u te sterken, 12of liever, om door elkaar bemoedigd te worden: ik door uw geloof en u door het mijne. 13U moest eens weten, broeders en zusters, hoe vaak ik me heb voorgenomen naar u toe te komen, om net als bij de andere volken ook bij u vruchtbaar werk te doen. Maar het werd mij tot nu toe steeds belet. 14Ik sta ten dienste van alle volken: van beschaafde en niet beschaafde, geletterde en ongeletterde, 15en daarom is het mijn wens het evangelie ook aan u in Rome te verkondigen.

16Voor dit evangelie schaam ik mij niet, want het is Gods reddende kracht voor allen die geloven, voor Joden in de eerste plaats, maar ook voor andere volken. 17In dit evangelie openbaart Gods gerechtigheid zich immers van begin tot eind door geloof, zoals ook geschreven staat: ‘De rechtvaardige zal leven door geloof.’

Romeinen 1:1-17NBV21Open in de Bijbel
Reisplannen en groeten

14Broeders en zusters, ik ben er vast van overtuigd dat u inderdaad niets dan het goede wilt en dat uw inzicht nergens tekortschiet, zodat u ook in staat bent om elkaar terecht te wijzen. 15Ik heb u hier en daar nogal vrijmoedig geschreven, maar alleen om u te herinneren aan wat u al weet. Ik doe dat vanwege de genade die God mij geschonken heeft: 16ik moet in volledige toewijding aan zijn evangelie een dienaar van Christus Jezus voor de heidense volken zijn, zodat zij een God welgevallig offer kunnen worden, geheiligd door de heilige Geest. 17Dat ik trots kan zijn op mijn werk voor God, dank ik aan Christus Jezus. 18Ik mis de vrijmoedigheid om over iets anders te spreken dan wat Christus met het oog op de gehoorzaamheid van de volken door mij tot stand heeft gebracht – door wat ik heb gezegd en gedaan, 19door krachtige tekenen en wonderen die ik heb verricht door de macht van Gods Geest. Zo heb ik vanaf Jeruzalem tot aan Illyrië overal het evangelie van Christus verspreid. 20Daarbij heb ik er altijd een eer in gesteld het niet op plaatsen te verkondigen waar Christus al bekend was. Ik wilde niet op het fundament van een ander bouwen, 21want er staat geschreven: ‘Zij aan wie Hij niet verkondigd is, zullen zien; zij die niet over Hem hebben gehoord, zullen tot inzicht komen.’ 22Het is dan ook om deze reden dat het mij nog niet is gelukt u te bezoeken. 23Maar ik heb mijn taak in deze streken nu beëindigd; en omdat ik er zo naar verlang om na al die jaren naar u toe te komen, 24hoop ik dat te doen wanneer ik naar Spanje ga. Ik hoop u op weg daarheen te ontmoeten om mijn reis daarna met uw hulp voort te zetten, maar niet voordat ik enige tijd van uw gezelschap genoten heb. 25Nu sta ik echter op het punt naar Jeruzalem te gaan om de heiligen daar bijstand te verlenen, 26want Macedonië en Achaje hebben voor de armen onder hen een collecte gehouden. 27Ze hebben daartoe vrijwillig besloten, maar ze staan dan ook bij hen in de schuld. Want omdat zij, afkomstig uit andere volken, deel hebben gekregen aan de geestelijke rijkdommen van de heiligen in Jeruzalem, zijn zij op hun beurt verplicht hen in materiële zaken bij te staan. 28Nadat ik mij van deze taak gekweten heb, en de opbrengst van de collecte officieel aan hen heb overhandigd, zal ik u op doorreis naar Spanje bezoeken. 29En ik weet dat wanneer ik kom, ik met de volle zegen van Christus kom.

30Broeders en zusters, in de naam van onze Heer Jezus Christus en met een beroep op de liefde van de Geest, vraag ik u dringend om samen met mij vurig tot God te bidden. Bid voor mij 31dat ik behoed word voor de ongelovigen in Judea en dat mijn hulp door de heiligen in Jeruzalem zal worden gewaardeerd. 32Dan kan ik, indien God het wil, vol vreugde naar u toe komen om in uw gezelschap nieuwe kracht op te doen. 33De God van de vrede zij met u allen. Amen.

Romeinen 15:14-33NBV21Open in de Bijbel

In het boek Handelingen lezen we over de bekering en de reizen van Paulus. Paulus is een Jood en een Romein, dus een burger van het grote Romeinse rijk. Hij maakt na zijn bekering lange reizen om zo veel mogelijk mensen te vertellen over Jezus. Paulus wil ook graag naar Rome, maar dat is tot nu toe nog niet gelukt. Daarom schrijft hij vast deze brief aan de christenen in Rome, ter voorbereiding op zijn bezoek.
Bij de gemeente in Rome horen christenen met een Joodse en christenen met een niet-Joodse achtergrond. Daar moet Paulus bij het schrijven dus steeds rekening mee houden.

De Romeinenbrief gaat over een paar grote thema’s:

  • Allereerst: wie in de dood en opstanding van Jezus Christus gelooft, wordt gered. Dit goede nieuws geldt voor iedereen: Joden en niet-Joden.
  • Ten tweede: dat we allemaal redding nodig hebben, maakt ons één. En ten derde: wanneer je door Jezus bent gered, ben je een nieuw mens. Dit betekent dat je je laat leiden door Gods Geest.
  • Als laatste vraagt Paulus of de gelovigen hem eensgezind willen helpen in zijn missie om heel de wereld dit goede nieuws over Jezus te vertellen.

Paulus kent de namen van sommige gelovigen in Rome, maar hij heeft hen nog nooit ontmoet. Hij heeft wel goede verhalen over hen gehoord. Overal in de hele wereld wordt over hun geloof gepraat. Wat een getuigenis!

Heb jij weleens verhalen gehoord van en gebeden voor christenen die je niet kende, bijvoorbeeld uit de vervolgde kerk? Neem vandaag eens de tijd om een van hun verhalen te lezen en voor hen te bidden.

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.18.6
Volg ons