Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

… maar het volk wil het niet zien 

Bijbeltekst(en)

Hosea 6

11Ook jij, Juda, zult oogsten wat je hebt gezaaid.

Steeds wanneer Ik het lot van mijn volk ten goede keer,

Hosea 7

1steeds wanneer Ik Israël genees, komen Efraïms slechtheid en Samaria’s zonden aan het licht. Altijd maar bedriegen! Dieven dringen de huizen binnen, buiten plunderen roversbenden. 2Het komt niet bij hen op dat Ik al hun zonden onthoud. Ze zitten verstrikt in hun daden, Ik zie die voor mijn ogen gebeuren. 3Met hun zonden doen ze de koning een plezier, met hun leugens vermaken ze de leiders.

4Ze zijn allemaal even trouweloos. Hun hartstocht lijkt op een oven, die heet blijft ook als de bakker klaar is met stoken en het deeg gaat kneden en het laat rijzen. 5Op de feestdag van onze koning verhitten ze de leiders met wijn tot die er ziek van worden, en intussen schudt de koning die verraders de hand! 6Ze loeren, ze spannen samen, hun hart is als een oven: de hele nacht smeult het vuur, om ’s morgens vlammend op te laaien. 7In het vuur van hun woede verteren ze hun vorsten. Hun koningen komen allemaal ten val. Maar niemand van hen roept tot Mij.

Hosea 6:11-7:7NBV21Open in de Bijbel

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.45.0
Volg ons