Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

Droom-oplossing 

Bijbeltekst(en)

Daniël 2

13Toen het bevel werd uitgevaardigd om de wijzen te doden, liepen ook Daniël en zijn vrienden gevaar. 14Daarom wendde Daniël zich discreet en tactvol tot Arjoch, de commandant van de koninklijke lijfwacht, die de wijzen van Babylonië moest doden. 15Hij vroeg de gevolmachtigde van de koning: ‘Waarom heeft de koning zo’n wreed bevel uitgevaardigd?’ Daarop legde Arjoch hem de zaak uit. 16Daniël ging naar de koning en vroeg hem respijt, opdat hij hem zijn droom zou kunnen verklaren. 17Vervolgens ging hij naar huis, bracht zijn vrienden Chananja, Misaël en Azarja op de hoogte 18en vroeg hun de God van de hemel te smeken zich barmhartig te tonen en het mysterie te onthullen, zodat hij en zijn vrienden niet met de rest van de wijzen van Babylonië ter dood zouden worden gebracht.

19Het mysterie werd aan Daniël onthuld in een nachtelijk visioen. Daarop prees hij de God van de hemel. 20Hij zei:

‘Geprezen zij de naam van God, van eeuwigheid tot eeuwigheid,

want Hij bezit wijsheid en kracht.

21Hij verandert tijden en vaste dagen,

Hij zet koningen af en stelt koningen aan,

Hij geeft de wijzen hun wijsheid

en de verstandigen hun kennis.

22Hij onthult diepe, verborgen dingen,

Hij weet wat in duister is gehuld,

en het licht woont bij Hem.

23U, God van mijn voorouders, loof ik en roem ik,

want U hebt mij wijsheid en kracht geschonken

en mij onthuld wat wij U hebben afgesmeekt,

U hebt ons laten weten wat de koning verontrust.’

Daniël 2:13-23NBV21Open in de Bijbel

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.45.0
Volg ons