Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap
29 januari 2018Matthijs de Jong

Volg de brief van Paulus – (2) Wie gaat er mee naar Spanje?

Stel, je krijgt een lange mail van een collega. Eerst lees je een heel verhaal over hoe die collega jou waardeert, en dan een enorme uitweiding over een belangrijk project. En pas daarna, in een van de laatste regels, staat een verzoek aan jou. Je collega vraagt je hulp bij de besproken kwestie.
Zoiets vinden wij vreemd. De kans is groot dat je die vraag niet eens opmerkt.


Maar er zijn ook culturen waarin zo’n omweg juist het voorschrift is. Een direct verzoek is een belediging. De verstandhouding, de onderlinge relatie, staat altijd voorop. Pas daarna komt het verzoek. Dit geldt ook voor de cultuur in de tijd van Bijbel. Gewapend met dit inzicht kunnen we de Brief aan de Romeinen beter begrijpen.
 
Verzoek van Paulus
Kijk eens naar wat Paulus schrijft aan de christenen in Rome. Hij heeft een concrete vraag. Maar dat lees je niet aan het begin van zijn brief. Pas op het eind komt hij ermee voor de dag:
 
Vrienden, telkens was er wel iets dat mij tegenhield om naar jullie toe te komen. Maar nu ben ik klaar met mijn werk in het oosten. Ik ben van plan om naar Spanje te reizen en daar het goede nieuws te vertellen. Maar ik zal via Rome reizen. Want ik verlang er al zo lang naar om naar jullie toe te komen!
Ik wil jullie dus bezoeken om een goede tijd met jullie te hebben. En ik hoop dat jullie mij dan zullen helpen bij mijn reis naar Spanje.
(Romeinen 15:22-24, Bijbel in Gewone Taal)
 
Eén klein zinnetje, verstopt achterin die enorme brief. Hij vraagt ze om hulp bij zijn reis naar Spanje.
 
Veel lezers merken zo’n klein zinnetje misschien niet eens op. Niet echt belangrijk toch? Maar als je de Romeinenbrief leest met kennis van Paulus’ cultuur, dan snap je: Paulus werkt in zijn brief zorgvuldig toe naar dit verzoek. Deze vraag is misschien wel dé reden geweest voor zijn brief.
 
Hulp
Wat voor hulp heeft Paulus nodig? Geld misschien, en andere middelen, maar vooral: tolken en connecties. Tolken? Ja, want Paulus spreekt geen Latijn. Tot dan toe had hij gewerkt in het Griekssprekende deel van het Romeinse rijk. Ook in Rome kon je met Grieks goed uit de voeten. Maar in Spanje niet. Naast alle inheemse talen was daar alleen Latijn, als de lingua franca. Paulus is voor zijn missie aangewezen op christenen die Latijn spreken. En die zitten in Rome.

Daarnaast is voet aan land zetten in een vreemd land een hachelijke onderneming. Helemaal als je er niemand kent. Je hebt connecties nodig. Die waren in Rome te vinden, want daar woonden veel immigranten uit Spanje.
Het is duidelijk wat Paulus wil: Rome moet de uitvalsbasis worden voor zijn missie naar Spanje.
 
Eerst de relatie, dan de vraag
Paulus bereidt zijn verzoek zorgvuldig voor. In het begin van zijn brief spreekt hij over de verstandhouding tussen hemzelf en de christenen in Rome. Hij vertelt over zijn diepe wens om de christenen in Rome te bezoeken. En hij verbindt die wens met zijn missie: ‘Het is mijn opdracht om aan alle volken het goede nieuws te vertellen. Aan de volken die Grieks spreken, net als wij, maar ook aan volken met andere talen en vreemde gewoontes.’ (Romeinen 1:14, Bijbel in Gewone Taal). De concrete vraag komt pas aan het eind. Maar de goede verstaander ziet waar Paulus heen wil: naar die volken met andere talen en vreemde gewoontes – via Rome naar Spanje.
 
Culturele antenne
De Brief aan de Romeinen volgt culturele normen die anders zijn dan de onze. Om deze tekst te begrijpen, heb je een culture antenne nodig. Je moet de juiste signalen weten op te vangen. Paulus heeft een verzoek aan de christenen in Rome: hulp bij zijn missie naar Spanje. Dat is waarschijnlijk de belangrijkste reden voor hem om deze brief te schrijven. Maar zijn cultuur schrijft voor dat hij daar pas op het eind van zijn brief mee komt, verpakt in een uitgebreide beschrijving van onderlinge verbondenheid.

Wie daar oog voor heeft, krijgt een sleutel in handen om de brief te begrijpen. Dat is belangrijk. Want je kunt je collega misschien nog wel afleren om onleesbare mails te sturen. Maar wil je met Paulus verder komen dan moet je je verdiepen in zijn wereld.

Deze blog is de tweede in een serie blogs over Paulus’ brief aan de Romeinen. Lees hier de eerste blog over de koerier van de brief. 

Matthijs de Jong is nieuwtestamenticus bij het Nederlands Bijbelgenootschap en een van de vertalers van de Bijbel in Gewone Taal.

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.18.8
Volg ons