25Ik zal jullie schadeloosstellen voor al die jaren waarin je oogst is opgevreten door sprinkhanen, zwerm na zwerm, door mijn grote leger, dat Ik op jullie had afgestuurd. 26Jullie zullen weer volop te eten hebben, meer dan genoeg, en de naam van de HEER, je God, prijzen, want Ik heb wonderbaarlijk met jullie gehandeld; nooit meer zal mijn volk te schande staan. 27Dan zullen jullie inzien dat Ik in Israëls midden ben, dat alleen Ik, de HEER, jullie God ben; nooit meer zal mijn volk te schande staan.