19Want ze hebben niet naar Mij geluisterd – spreekt de HEER –, hoewel Ik telkens weer mijn dienaren, de profeten, naar hen zond. En ook jullie hebben niet naar Mij geluisterd – spreekt de HEER.
3Het belangrijkste dat ik u heb doorgegeven, heb ik op mijn beurt ook weer ontvangen: dat Christus voor onze zonden is gestorven, zoals in de Schriften staat,
6Hij, die de gestalte van God had, maakte er geen aanspraak op aan God gelijk te zijn, 7maar deed afstand van zijn positie en nam de gestalte aan van een dienaar. Hij werd gelijk aan de mensen, en als mens verschenen 8heeft Hij zich vernederd en werd gehoorzaam tot in de dood – de dood aan het kruis. 9Daarom heeft God Hem hoog verheven en Hem de naam geschonken die elke naam te boven gaat, 10opdat in de naam van Jezus elke knie zich zal buigen, in de hemel, op de aarde en onder de aarde, 11en elke tong zal belijden: ‘Jezus Christus is Heer,’ tot eer van God, de Vader.