Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

Inleiding Spreuken (NBV)

Het boek Spreuken is een verzamelwerk van overwegend korte spreuken. Ze willen de lezer kennis, praktische levenswijsheid en moreel besef op allerlei gebied bij te brengen.

Titel van het boek

Het boek Spreuken is genoemd naar het opschrift waarmee het begint: ‘Hier volgen de Spreuken van Salomo’.

Auteur

Veel spreuken worden aan koning Salomo toegeschreven. Hij staat bekend als de meest wijze koning die Israël ooit gehad heeft. Hij zou meer dan 3000 spreuken gemaakt hebben, en 5000 liederen (zie 1 Koningen 5:12-14).
Maar het boek bevat ook spreuken van andere wijzen, zelfs van buiten Israël (zie onder andere Spreuken 22:17-24:34). De vermelding van de naam van Salomo onderstreept het karakter en het belang van de tekst.

Thema’s

Het boek Spreuken is het bijbelse wijsheidsboek bij uitstek; het geeft een indruk van wat in het oude Israël als wijsheid werd beschouwd. Bij de vraag wat en wie wijs is, speelt het ontzag voor God een grote rol. Echte wijsheid nastreven betekent ontzag hebben voor God en leven volgens zijn wetten.

Het boek bevat vooral spreuken met praktische wijsheid en levenskunst, over:

  • de omgang met mensen in allerlei verhoudingen en situaties;
  • goede manieren;
  • eerlijkheid en betrouwbaarheid in het zakendoen;
  • de juiste levenshouding.

Steeds staan bescheidenheid, geduld, mildheid en zorgvuldig gedrag voorop.

Kenmerken

Spreuken 1-9 en Spreuken 30-31 bevatten grotere literaire eenheden met versregels die in lengte variëren. Steeds keren hier dezelfde motieven terug: wijsheid, kennis en inzicht, rechtvaardigheid, goddeloosheid, en ook de voorstelling van het leven als een weg.

De spreuken in hoofdstuk 10-29 zijn losser qua inhoud. Maar de vorm is strak: elke spreuk vormt in het Hebreeuws een afgeronde ritmische eenheid. Kenmerkend voor de poëtische vorm is het parallellisme. Veel spreuken bestaan uit twee parallel lopende delen die een tegenstelling uitdrukken tussen iets dat wijs of goed is, en iets dat dwaas of slecht is.

Plaats in de Bijbel

Spreuken wordt, met onder andere Job en Prediker, tot de poëtische boeken gerekend.

In de Hebreeuwse Bijbel, de Tanach, behoort het boek tot de Geschriften (Ketoeviem).

Genre

Spreuken behoort tot de zogeheten wijsheidsliteratuur. Deze literatuur is waarschijnlijk ontstaan in de kringen van professionele schrijvers die in dienst waren van paleizen en tempels. Het doel ervan is de lezer of toehoorder kennis en moreel besef bij te brengen.

Datering

Het boek Spreuken bevat divers materiaal dat uit verschillende perioden afkomstig is. Het vertoont gelijkenis met teksten uit Mesopotamië, Ugarit en Egypte.

Lange periode

Op basis van taal en inhoud kunnen de verschillende delen van het boek in verschillende perioden gedateerd worden.
De oudste gedeelten, zoals Spreuken 22:17-23:11 zouden hun oorsprong hebben in de tiende eeuw voor Christus.
De eerste negen hoofdstukken komen uit een jongere periode; deze spreuken zijn van na de Babylonische ballingschap.

Uiteindelijke vorm

Vermoedelijk heeft de tekst van Spreuken na een langdurig proces van redactionele bewerking zijn huidige vorm gekregen in de tweede eeuw voor Christus.

Opbouw

Het boek Spreuken bevat spreuken op naam van Salomo, van koning Agur, van de moeder van koning Lemuel en van andere wijzen.

Inhoud

Het boek is een spiegel van de leefwereld en maatschappelijke omstandigheden van het oude Israël. Dieren uit de landbouw of uit het wild worden gebruikt als vergelijkingsmateriaal voor de mensenwereld. Die leefwereld is ook te herkennen aan de mannelijke blik van het boek. Hoewel het boek eindigt met een loflied op de sterke vrouw, zijn de meeste spreuken weinig vrouwvriendelijk (zie Spreuken 21:9 en Spreuken 22:14).
Spreuken is verwant aan wijsheidsteksten uit omliggende culturen, onder andere Egypte. Spreuken 22:17-23:11 lijkt bijvoorbeeld sterk op de Egyptische tekst De wijsheid van Amenemope uit de tiende eeuw voor Christus.

Opbouw

In het boek Spreuken zijn drie delen te onderscheiden.

  • Spreuken 1-9 bevat allerlei ouderlijke raadgevingen aan een ‘zoon’. Het gaat waarschijnlijk om de relatie tussen een leermeester en een leerling. De raadgevingen vertonen enige samenhang rond thema's als ontzag voor God, wijsheid, deugdzaamheid, het vermijden van slecht gezelschap en het serieus nemen van waarschuwingen. In dit deel treedt Wijsheid op gepersonifieerd als een vrouw, naast vrouwe Dwaasheid.
  • Spreuken 10-29 bevat losse spreuken over uiteenlopende onderwerpen. Hierbinnen zijn drie iets grotere eenheden te onderscheiden: Spreuken 16:1-11 over God, Spreuken 23:29-35 over een dronkaard, en Spreuken 24:30-34 over een luiaard.
  • Spreuken 30-31 ten slotte bestaat weer uit enkele grotere eenheden, waaronder uitspraken van Agur (Spreuken 30:1-9), een serie getallenspreuken (Spreuken 30:15-31), en een loflied op de sterke vrouw (Spreuken 31:10-31).

Gerelateerde Bijbelgedeelten

Spreuken 1
Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.19.2
Volg ons