Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

5e van de zomer

Oude Testament

1Wee de herders die de schapen van mijn weiden in het verderf storten en verstrooien – spreekt de HEER. 2Daarom – dit zegt de HEER, de God van Israël, tegen de herders die mijn volk weiden: Jullie hebben mijn schapen verstrooid en verdreven, en jullie zijn ze niet gaan zoeken. Daarom ga Ik jullie zoeken: Ik zal jullie straffen voor je kwalijke praktijken – spreekt de HEER. 3Wat er nog van de schapen over is, zal Ik bijeenbrengen uit alle landen waarheen Ik ze verdreven heb. Ik breng ze terug naar hun weide, ze zullen vruchtbaar zijn en in aantal toenemen. 4Ik zal herders over ze aanstellen die ze zo zullen hoeden dat ze geen angst meer kennen en er niet één meer zal worden gemist – spreekt de HEER.

5De dag zal komen – spreekt de HEER – dat Ik aan Davids stam een rechtmatige telg laat ontspruiten, die als koning een wijs beleid zal voeren en die in het land recht en gerechtigheid zal handhaven. 6Dan wordt Juda verlost en zal Israël veilig wonen. Zijn naam zal zijn “De HEER is onze gerechtigheid”.

Jeremia 23:1-6NBV21Open in de Bijbel
Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.19.2
Volg ons