Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

Vrijdag 12 maart

Bijbeltekst(en)

28Een van de schriftgeleerden die naar hen geluisterd had terwijl ze discussieerden, en gemerkt had dat Hij hun correct had geantwoord, kwam dichterbij en vroeg: ‘Wat is van alle geboden het belangrijkste gebod?’ 29Jezus antwoordde: ‘Het voornaamste is: “Luister, Israël! De Heer, onze God, is de enige Heer; 30heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht.” 31En daarna komt dit: “Heb uw naaste lief als uzelf.” Er zijn geen geboden belangrijker dan deze.’ 32De schriftgeleerde zei tegen Hem: ‘Inderdaad, meester, wat U zegt is waar: Hij alleen is God en er is geen andere god dan Hij, 33en Hem liefhebben met heel ons hart en met heel ons inzicht en met heel onze kracht, en onze naaste liefhebben als onszelf betekent veel meer dan alle brandoffers en andere offers.’ 34Jezus vond dat hij verstandig had geantwoord en zei tegen hem: ‘U bent niet ver van het koninkrijk van God.’ En niemand durfde Hem nog een vraag te stellen.

Marcus 12:28-34NBV21Open in de Bijbel

MEDITATIO
Luister, Israël! Shema, Israël. Maar ook Ausculta! Ausculta, het begin van de Regel van Benedictus. Ausculta o fili praecepta magistri. Luister, mijn kind, naar de richtlijnen van je meester. Luisteren is een grondhouding om open te zijn voor wat er op je af komt. Niet met een vast plan de wereld te lijf te gaan, met vaste wetten en regels, maar luisteren naar waar de Geest je brengt. De grondhouding waar lectio divina ook op geënt is.

Luister! Dat lijkt ook de wetmatigheid te zijn achter: ‘Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht.’ Liefhebben is geen vaststaand gegeven. Iedere relatie is uniek; ieder mens geef je op een op die persoon aangepaste manier liefde. Meestal gaat dat automatisch goed, soms gaat het fout en voelt een ander zich in zijn of haar persoonlijke levenssfeer aangetast. Het is een opdracht: Zo liefhebben dat de ander altijd zichzelf kan zijn. Niet iets willen wat de ander niet heeft; niet iets van de ander onderdrukken wat deze juist wel is, maar beluisteren wat de ander nodig heeft.

Heb lief. Het doet me denken aan een citaat waarvan men vaak zegt dat het van Augustinus is: Amo et fac vis vult. Heb lief en doe wat je wilt. Uiteraard klinkt ‘doe wat je wilt’ nogal los, losgeslagen wellicht, maar daarom begint het ook met ‘Amo’, heb lief. Als je liefhebt, wil je heel veel niet. Je wilt bijvoorbeeld de ander niet kwetsen, je wilt de ander juist laten groeien en bloeien. Heb lief, en doe dán wat je wilt.

‘Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht’ En: ‘Heb uw naaste lief als uzelf.’ Het is geen goedkope liefde, geen romantiek uit een doktersroman. Het is een opdracht, een levenshouding, om te kijken vanuit liefde, vanuit de vraag hoe je de ander kunt laten zijn wie hij of zij is. Wat kan ik doen om die ander te beschermen? Op dit moment?

‘Heb lief…’ Dat betekent: veel luisteren en wisselen van perspectief.

ORATIO
Ja, ik wil! Ja, ik wil uw wil beluisteren, uw hart beminnen, uw woord spreken. Laat mij uw liefde voelen, opdat ik die liefde kan delen.

CONTEMPLATIO
Luister! Heb lief!

Ik stel mezelf vandaag een opdracht: bekijk een relatie eens vanuit het perspectief van de ander. Wie is deze persoon? Wat heeft hij/zij nodig? Hoe kan ik de ander helpen? En als ik iets niet weet, dan zal ik proberen het niet in te vullen, maar zal ik het moeten vragen en dan luisteren.

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.18.6
Volg ons