Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

1/10 - De grote belofte

'Zie, Ik schep een nieuwe hemel en een nieuwe aarde'

Bijbeltekst(en)

17Zie, Ik schep een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.

Wat er vroeger was raakt in vergetelheid,

het komt niemand ooit nog voor de geest.

18Verheug je voor altijd en jubel om wat Ik schep.

Ik herschep Jeruzalem in een jubelende stad

en schenk haar bevolking vreugde.

19Dan zal Ik over Jeruzalem jubelen

en me verheugen over mijn volk.

Geen geween of geweeklaag wordt daar nog gehoord.

20Geen zuigeling zal daar meer zijn

die slechts enkele dagen leeft,

geen grijsaard die zijn jaren niet voltooit;

want een kind zal pas sterven als honderdjarige,

en wie geen honderd wordt, geldt als vervloekt.

21Zij zullen huizen bouwen en er zelf in wonen,

wijngaarden planten en zelf van de opbrengst eten;

22in wat zij bouwen zal geen ander wonen,

van wat zij planten zal geen ander eten.

Want de jaren van mijn volk

zullen zijn als de jaren van een boom;

mijn uitverkorenen zullen zelf genieten

van het werk van hun handen.

23Zij zullen zich niet tevergeefs afmatten

en geen kinderen baren voor een verschrikkelijk lot.

Zij zullen, met heel hun nageslacht,

een volk zijn dat door de HEER is gezegend.

24Ik zal hun antwoorden nog voor ze Mij roepen,

Ik zal hen verhoren terwijl ze nog spreken.

25Wolf en lam zullen samen weiden,

een leeuw eet stro, net als een rund,

en een slang zal zich voeden met stof.

Niemand doet kwaad, niemand sticht onheil

op heel mijn heilige berg – zegt de HEER.

Jesaja 65:17-25NBV21Open in de Bijbel

Een nieuwe hemel en een nieuwe aarde; voor wie de nieuwsberichten ziet over alle problemen in de wereld of voor wie worstelt op persoonlijk vlak, kan die belofte niet snel genoeg waarheid worden. Dat gold ook al voor de mensen voor wie de profetie uit Jesaja in eerste instantie bedoeld was: het volk van Israël, dat toen net teruggekeerd was uit de Babylonische ballingschap. Ze waren weer thuis, maar het ging ze nog steeds niet altijd voor de wind. Jesaja probeerde hen duidelijk te maken dat dit door hun eigen gedrag kwam (lees Jesaja 65 maar eens vanaf het begin).

Toch doet God een grote belofte aan mensen die Hem wel volgen en gehoorzamen. Deels bestaat die belofte ‘gewoon’ uit een leven in veiligheid en goede gezondheid. De Israëlieten zullen een vreugdevol en lang leven leiden (vers 18-20). Ze waren altijd op hun hoede voor indringers van buitenaf, maar dat is straks verleden tijd (vers 21-22). Tegelijkertijd is de belofte is groter dan wat op deze aarde voor te stellen is. God zal zijn volk zegenen (vers 23). Hij zal ze antwoorden en verhoren nog voordat ze uitgesproken zijn (vers 24),er zal vrede zijn, zelfs tussen roofdieren en hun buit, en het kwaad is voorgoed uitgebannen (vers 25). Dat is een belofte om je aan vast te houden, zowel toen als nu.

Naar welk aspect van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde kijk jij vooral uit? In welk vers wordt dat verwoord en hoe zou je dat in je eigen woorden zeggen?

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.18.6
Volg ons