Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap
Marije Vermaas

13. Een nieuw thuis

Bijbeltekst(en)

1Wij weten dat wanneer onze aardse tent, het lichaam waarin wij wonen, wordt afgebroken, we van God een woning krijgen: een eeuwige, niet door mensenhanden gemaakte woning in de hemel. 2Wij zuchten in onze aardse tent en zouden willen dat onze hemelse woning er nu al over wordt aangetrokken. 3We zijn er echter zeker van dat we bekleed zullen worden en niet naakt zullen zijn. 4Zolang we in onze aardse tent verblijven zuchten we onder een zware last, omdat we niet willen dat deze kleding wordt uitgetrokken; we willen dat er nieuwe over wordt aangetrokken, zodat het sterfelijke door het leven wordt verslonden. 5Hiervoor heeft God zelf ons gereedgemaakt, door ons de Geest als onderpand te geven.

6Dus blijven wij altijd vol goede moed, ook al weten we dat zolang dit lichaam onze woning is, we ver van de Heer wonen.

2 Korintiërs 5:1-6NBV21Open in de Bijbel

Paulus spoort de gelovigen in Korinte aan om verder te kijken dan het hier en nu. Hier en nu is het leven zwaar. Je kunt soms twijfelen of ze allemaal wel waar zijn, die beloften van God. Er is soms maar zo weinig van te zien. En ons lichaam wordt elke dag zwakker. Het is moeilijk om Jezus te volgen als er nog zo weinig te zien is van dat nieuwe koninkrijk van God. We geloven, maar we zien nog niet. We vertrouwen wel, maar zien ondertussen ook wat er op aarde allemaal niet goed gaat. Paulus bemoedigt de gelovigen: ja, hier en nu wordt ons lichaam zwakker. Maar de aarde en ons lichaam vormen slechts een tijdelijk huis. Na je dood kom je echt thuis – bij God. Daar en dan is het eeuwige thuis van gelovigen, met eeuwige vreugde en eeuwige luister.

‘Nog één rivier,’ zingt Matthijn Buwalda, ‘en dan zijn we thuis.’ Herken je de twijfels van de gelovigen in Korinte? Hoe zou jij je in het hier en nu meer op het daar en dan kunnen richten?

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.16.20
Volg ons