Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

Een heilige ontmoeting

Bijbeltekst(en)

5Hij viel onder de bremstruik in slaap, maar er kwam een engel, die hem aanraakte en zei: ‘Sta op en eet wat.’ 6Elia keek op en ontdekte naast zijn hoofd een brood, in gloeiende kooltjes gebakken, en een kruik water. Nadat hij had gegeten en gedronken ging hij weer onder de struik liggen. 7Maar de engel van de HEER kwam terug, raakte hem opnieuw aan en zei: ‘Sta op en eet wat, anders is de reis te zwaar voor je.’ 8Elia stond op, en toen hij had gegeten en gedronken liep hij, gesterkt door dit voedsel, veertig dagen en veertig nachten door de woestijn, tot hij bij de Horeb kwam, de berg van God. 9Daar ging hij een grot binnen om er de nacht door te brengen.

Toen richtte de HEER zich tot hem met de woorden: ‘Elia, wat doe je hier?’ 10Elia antwoordde: ‘Ik heb me met volle overgave ingezet voor de HEER, de God van de hemelse machten, maar de Israëlieten hebben uw verbond met hen naast zich neergelegd, uw altaren verwoest en uw profeten gedood. Ik ben als enige overgebleven, en nu hebben ze het ook op mijn leven voorzien.’ 11‘Kom naar buiten,’ zei de HEER, ‘en treed hier op de berg voor Mij aan.’ En daar kwam de HEER voorbij. Er ging een grote, krachtige windvlaag voor de HEER uit, die de bergen spleet en de rotsen aan stukken sloeg, maar in die windvlaag bevond de HEER zich niet. Na de windvlaag kwam er een aardbeving, maar in die aardbeving bevond de HEER zich niet. 12Na de aardbeving was er vuur, maar in dat vuur bevond de HEER zich niet. Na het vuur klonk het gefluister van een zachte bries. 13Toen Elia dat hoorde, sloeg hij zijn mantel voor zijn gezicht. Hij kwam naar buiten en ging in de opening van de grot staan. Toen klonk een stem, die tegen hem zei: ‘Elia, wat doe je hier?’ 14Elia antwoordde: ‘Ik heb me met volle overgave ingezet voor de HEER, de God van de hemelse machten, maar de Israëlieten hebben uw verbond met hen naast zich neergelegd, uw altaren verwoest en uw profeten gedood. Ik ben als enige overgebleven, en nu hebben ze het ook op mijn leven voorzien.’ 15De HEER zei tegen Elia: ‘Keer terug en ga naar de woestijn van Damascus. Daar aangekomen moet je Hazaël tot koning van Aram zalven. 16Jehu, de zoon van Nimsi, moet je zalven tot koning van Israël, en Elisa, de zoon van Safat, uit Abel-Mechola, moet je tot je eigen opvolger zalven. 17Wie ontkomt aan het zwaard van Hazaël, zal gedood worden door Jehu. En wie ontkomt aan het zwaard van Jehu, zal gedood worden door Elisa. 18Maar Ik zal in Israël zevenduizend mensen overlaten die niet voor Baäl hebben geknield en hem niet hebben gekust.’

1 Koningen 19:5-18NBV21Open in de Bijbel

Elia worstelt met zijn roeping als profeet. Hij voelt zich een mislukkeling. Onlangs heeft hij opnieuw aan zijn volksgenoten laten zien dat de afgod Baäl niets kan. Zeker niet in vergelijking met hun eigen God. Dat heeft hen voor dat moment overtuigd van de macht van God. Maar Elia weet uit ervaring dat het niet lang zal duren voordat ze weer andere goden gaan aanbidden.

En nu wil koningin Izebel hem vermoorden!

Wat nu? Twijfelt Elia zelf ook aan Gods macht?

God neemt Elia’s worsteling serieus, maar hij komt hem tegemoet op zijn tijd. Op zijn manier. Eerst stuurt hij een engel die Elia een opdracht geeft: Elia moet een reis maken naar de berg Horeb. Dat is de berg waar God zich voor het eerst aan het volk van Israël bekendgemaakt heeft als hun God, de Enige.

Veertig dagen en nachten is Elia onderweg, ook al kun je de afstand ook in tien dagen afleggen. Het getal veertig is symbool voor een tijd van bezinning en beproeving: een echte woestijnervaring.

Op de Horeb luistert God opnieuw naar Elia’s klacht. Hij alleen weet wat Elia nodig heeft voor zijn laatste taak als profeet. God doet wat hij eerder met Mozes deed: hij laat Elia een glimp van zijn glorie en majesteit zien! Niet in ‘luidruchtige’ natuurverschijnselen – zo vurig aanbeden door de aanhangers van Baäl. Elia ontmoet God juist in de afwezigheid van geluid. Het is de stilte die in hem een heilige ruimte vrijmaakt: een tempel waarin de majesteit  van God hem zegent en een nieuwe mens van hem maakt.

Sta eens stil bij je eigen gebed. Wat ervaar jij in je binnenste als je in stilte bij God bent?

Elise G. Lengkeek godzoeker-schrijver-dichter. Stilte & uitbundigheid beleven = in- en uitademen voor lichaam en ziel.  Zo ook bidden & werken op het ritme van de dag. Ze schreef het boek Mijn getijdengebed – Bidden op het ritme van de dag

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.20.15
Volg ons