Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

En leid ons niet in verzoeking - 8/10

Stelt God ons op de proef?

Met deze bede erken dat het soms heel moeilijk is om te blijven geloven. Omdat je God vraagt om je niet aan dat soort momenten bloot te stellen, geef je ook aan dat je gelooft dat Hij dat kan.

Bijbeltekst(en)

13En breng ons niet in beproeving,

maar red ons van het kwaad.

[Want aan U behoort het koningschap,

de macht en de majesteit,

in eeuwigheid. Amen.]

Matteüs 6:13NBV21Open in de Bijbel

Het woord ‘verzoeking’ wordt in het Nederlands niet zo vaak meer gebruikt. Het Griekse woord voor ‘verzoeking’ is peirasmos. In moderne vertalingen wordt dat vaak met ‘beproeving’ vertaald. Zo zullen we de bede in dit hoofdstuk ook lezen: we vragen God of hij ons niet in beproeving wil brengen. Veel van de gebedsregels uit het Onzevader confronteren je met je eigen beeld van God. Wie denk jij dat Hij is? Hoe denk jij dat Hij God wil zijn voor mensen? Ook deze regel doet dat weer. Test God ons af en toe uit? Wat vragen we precies als we bidden ‘breng ons niet in beproeving’?

In het Nieuwe Testament wordt peirasmos meestal gebruikt voor een situatie waarin mensen moeilijkheden ervaren (op allerlei manieren, o.a. door verleidingen) en waarin hun geloof onder druk komt te staan. Ons woord ‘beproeving’ dekt de lading in die gevallen het beste. Maar dan worden we ook direct geconfronteerd met de vraag: is het God zelf die ons mensen aan zo’n test onderwerpt? In de Bijbel kom je teksten tegen waarin God mensen op de proef stelt. Hij doet iets waarmee Hij wil uittesten hoe stevig de trouw of het geloof van mensen is. Een bekend voorbeeld vinden we in Genesis 22, het verhaal over Abraham die van God te horen krijgt dat hij zijn langverwachte zoon moet offeren.

Een vergelijkbare geschiedenis van het op de proef stellen van vertrouwen op God vinden we in Exodus 16. God zorgt daar voor zijn volk door ze voedsel te geven. De test die God hier doet, is de mensen de opdracht geven niet meer te verzamelen dan ze nodig hebben voor één dag. Het patroon is vergelijkbaar met dat in het verhaal van Abraham: God vraagt iets van mensen wat moeilijk is, met een positieve bedoeling. Hij wil dat zijn mensen duidelijk laten zien dat ze bij Hem horen.

Toch is de ‘beproeving’ in het Onzevader van een andere orde dan de voorbeelden hierboven. Want het is duidelijk dat in het Onzevader met ‘beproeving’ iets negatiefs, iets slechts bedoeld wordt. Beproeving in het Onzevader gaat om situaties waarin geprobeerd wordt je af te brengen van wat het geloof van je vraagt, en die situaties wil je graag vermijden.
In het Nieuwe Testament komen we het woord ‘beproeving’ een flink aantal keer tegen als aanduiding voor de tegenslagen en verdrukking die de eerste christenen door moesten maken. De schrijvers van het Nieuwe Testament willen de gelovigen een hart onder de riem steken, zodat ze volhouden en de moed niet opgeven.

In het boek Openbaring lezen we een duidelijk voorbeeld van wat bedoeld is met ‘beproeving’, en wie er achter die beproeving zit: ‘… De duivel zal sommigen van jullie in de gevangenis laten opsluiten. Zo zal hij proberen jullie van je geloof af te brengen (Grieks: peirazô, ‘op de proef stellen’). Maar als jullie tot aan je dood in mij blijven geloven, beloon ik jullie met het eeuwige leven’ (Openbaring 2:10). Sommige uitleggers denken dat ‘breng ons niet in beproeving’ vooral over deze laatste, grote beproeving gaat. Anderen denken dat het gaat om allerlei soorten moeilijke situaties die we kunnen meemaken en die ons geloof aan het wankelen kunnen brengen. Weer komt de vraag op: is het Onzevader een gebed over het nu, of over het straks? Het beste antwoord is steeds: allebei.

Net als in het Oude Testament is beproeving in het Nieuwe Testament uiteindelijk iets waarmee je als gelovige kunt schitteren, als je volhoudt. Maar er is wel een groot verschil: het zijn kwade machten die de beproeving uitvoeren, en dat maakt een beproeving tot iets slechts wat je kan overkomen. Wanneer het erop aankomt, vraagt het geloof je te kiezen voor God en tegen de kwade machten, en zo te blijven leven dat je laat zien dat je bij Gods nieuwe wereld hoort. En in het Onzevader vraag je God: bescherm mij alstublieft, en zorg dat ik niet in zo’n keuzesituatie terechtkom.

In wat voor situaties kun jij wel wat steun gebruiken om de juiste keuze te maken?

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.18.8
Volg ons