7Twee dingen vraag ik U,
gun ze me zolang ik leef:
8Houd me ver van leugen en bedrog.
Maak me niet arm, maar ook niet rijk,
voed me slechts met wat ik nodig heb.
9Want als ik rijk zou zijn, zou ik U wellicht verloochenen,
zou ik kunnen zeggen: ‘Wie is de HEER?’
En als ik arm zou zijn, zou ik stelen
en de naam van mijn God te schande maken.