Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

3/7 - Bijbelse voorbeelden

Bijbeltekst(en)

Genesis 50

15Nu hun vader er niet meer was, zeiden Jozefs broers tegen elkaar: ‘Als Jozef zich nu maar niet tegen ons keert en ons al het kwaad vergeldt dat wij hem hebben aangedaan.’ 16Daarom lieten ze hem de volgende boodschap brengen: ‘Voordat je vader stierf, heeft hij ons opgedragen 17je dit verzoek over te brengen: “Vergeef je broers hun schandelijke misdaad, Jozef. Ze hebben je in de ellende gestort, maar vergeef de dienaren van de God van je vader hun misdaad toch.”’ Bij het horen van die woorden kon Jozef zijn tranen niet bedwingen. 18Daarna gingen zijn broers zelf naar hem toe. Ze vielen voor hem op hun knieën en zeiden: ‘We zijn bereid je slaaf te worden.’ 19Maar Jozef zei: ‘Wees maar niet bang. Ik kan toch Gods plaats niet innemen? 20Jullie hadden kwaad tegen mij in de zin, maar God heeft dat ten goede gekeerd, om te bewerken wat er nu gebeurt: dat een groot volk in leven blijft. 21Wees dus niet bang. Ik zal zelf voorzien in het onderhoud van jullie en jullie kinderen.’ Zo troostte hij hen en sprak hij hun moed in.

Genesis 50:15-21NBV21Open in de Bijbel

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.46.0
Volg ons