Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

Dag 4 | Vlucht, kindermoord en terugkeer

Bijbeltekst(en)

13Nadat zij op die manier de wijk genomen hadden, verscheen er aan Jozef in een droom een engel van de Heer, die zei: ‘Maak je gereed en vlucht met het kind en zijn moeder naar Egypte. Blijf daar tot ik je weer roep, want Herodes is naar het kind op zoek en wil het ombrengen.’ 14Jozef maakte zich gereed en week nog diezelfde nacht met het kind en zijn moeder uit naar Egypte, 15waar hij bleef tot de dood van Herodes. Zo moest in vervulling gaan wat bij monde van de profeet door de Heer is gezegd: ‘Uit Egypte heb Ik mijn Zoon geroepen.’

16Toen Herodes begreep dat hij door de magiërs misleid was, werd hij verschrikkelijk kwaad, en afgaande op het tijdstip dat hij van de magiërs had gehoord, gaf hij opdracht om in Betlehem en wijde omgeving alle jongetjes van twee jaar en jonger om te brengen. 17Zo ging in vervulling wat gezegd is door de profeet Jeremia: 18‘Er klinkt een stem in Rama, geween en luid geklaag. Rachel beweent haar kinderen en wil niet worden getroost, want ze zijn er niet meer.’

19Nadat Herodes gestorven was, verscheen er in een droom aan Jozef in Egypte een engel van de Heer, 20die zei: ‘Maak je gereed en ga met het kind en zijn moeder naar het land Israël. Want zij die het kind om het leven wilden brengen, zijn gestorven.’ 21Jozef maakte zich gereed en ging met het kind en zijn moeder naar Israël. 22Maar hij durfde niet naar Judea te gaan toen hij hoorde dat Archelaüs daar zijn vader Herodes als koning was opgevolgd. Nadat hij in een droom een aanwijzing had gekregen week hij uit naar Galilea, 23waar hij ging wonen in de stad Nazaret. Zo moest in vervulling gaan wat gezegd is door de profeten: ‘Hij zal Nazoreeër genoemd worden.’

Matteüs 2:13-23NBV21Open in de Bijbel

De vlucht en terugkeer van Jozef, Maria en Jezus, met daartussenin de kindermoord in Betlehem, verweeft het verhaal over de eerste jaren van Jezus’ leven nauw met het verhaal van Israël. Dit werpt licht op de betekenis van Jezus. zijn leven volgt hetzelfde patroon als dat van Mozes, en als nieuwe Mozes zal Hij zijn volk bevrijden van een ander soort slavernij
Jezus wordt ook gezien als de nieuwe David, die als koning zal heersen over Israël en de volken. Weer zien we het contrast tussen Herodes en Jezus. Herodes is een wrede tiran, die veel kinderen laat doden. Jezus is een weerloos kind, dat veel lijden zal ondergaan.

Matteüs gebruikt veel citaten uit het Oude Testament om te laten zien dat Jezus de zoon van God is. Hij schetst een wereld waarin God zelf aanwezig is in Jezus, die leven en hoop brengt voor alle mensen. De tekst is zo een vorm van literair verzet tegen het Romeinse Rijk, dat zichzelf als het centrum van de wereld beschouwt.

Voor Herodes is Jezus duidelijk een bedreiging, waarop hij het enige antwoord geeft dat hij lijkt te kennen, net zoals de farao in Mozes’ tijd: bruut geweld. Hoe ga je in je eigen leven om met bedreigingen en concurrentie? In de privésfeer, op het werk, in de kerk?

Door Jezus en Mozes zo met elkaar te verbinden, schept Matteüs de verwachting dat Jezus het volk zal bevrijden. Eerder heeft hij al iets soortgelijks gezegd, toen hij Jezus’ twee namen introduceerde. Hoe verhoudt dit zich tot je eigen beeld van Jezus? Heeft Jezus een bevrijdende betekenis? Heb je door Jezus bevrijding ervaren, en zo ja: waarvan?

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.18.10
Volg ons