Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

Dag 3 - Jeremia 29:10-14

Bijbeltekst(en)

Jeremia 29

10Dit zegt de HEER: Als er in Babel zeventig jaar voorbij zijn, zal Ik naar jullie omzien. Dan zal Ik mijn belofte gestand doen door jullie naar Jeruzalem te laten terugkeren. 11Mijn plan met jullie staat vast – spreekt de HEER: Ik heb jullie geluk voor ogen, niet jullie ongeluk; Ik zal je een hoopvolle toekomst geven. 12Jullie zullen Mij aanroepen en weer tot Mij gaan bidden, en Ik zal naar jullie luisteren. 13Jullie zullen Mij zoeken en ook vinden, als jullie Mij tenminste met hart en ziel zoeken. 14Ik zal me door jullie laten vinden – spreekt de HEER – en Ik zal in je lot een keer brengen. Ik zal jullie samenbrengen uit alle volken en plaatsen waarheen Ik je verdreven heb – spreekt de HEER – en je laten terugkeren naar Jeruzalem, waaruit Ik je heb laten wegvoeren.

Jeremia 29:10-14NBV21Open in de Bijbel

God heeft een plan voor zijn volk en dat plan staat vast. Dat klinkt als een duidelijke boodschap, toch? Gods volk is nu in ballingschap, maar God belooft het naar Jeruzalem te laten terugkeren. Hij belooft Israël een toekomst van blijvende vrede en voorspoed.

Maar dat betekent niet dat de weg naar die toekomst makkelijk zal zijn. Tot het zover is, moet het volk doorzetten en zich blijven vasthouden aan wat God zegt. En dat is onder de gegeven omstandigheden best een uitdaging. Moedeloosheid ligt eerder voor de hand dan hoop op een betere toekomst. De terugkeer uit de ballingschap laat namelijk lang op zich wachten. Waar kunnen de ballingen hun hoop dan nog wel uit putten?

Ze mogen, door eerdere ervaringen, hun vertrouwen blijven vestigen op God. Ook in tijden van nood. Ze kunnen herinneringen die erop wijzen dat God zorg draagt voor zijn volk blijven ophalen.

Hoe kijk jij terug op wat God, voor en door eerdere generaties, gedaan heeft?

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.39.1
Volg ons