Volg de ster – David | 15 december 2019
Bijbeltekst(en)
2 Samuel 7
2 Samuel 7
David is misschien wel de bekendste voorouder van Jezus. De tekst van vandaag volgt op een aantal verhalen waarin Davids koningschap van steeds meer bevestigd wordt. Nadat hij koning is geworden van alle stammen van Israël, verovert hij een deel van Jeruzalem. Hij brengt de heilige kist met de tien belangrijkste regels van God naar Jeruzalem en plaatst de kist daar in een tent. Maar het verschil tussen deze bescheiden huisvesting van en zijn eigen paleis stoort David. Hij besluit om een tempel te bouwen.
Op dat moment spreekt God tegen de profeet Natan. Eerst moet Natan tegen David zeggen dat hij geen tempel voor God hoeft te bouwen – dat zal Davids zoon Salomo later doen. Daarna krijgt David de belofte die we vandaag lezen: er zal altijd iemand uit zijn familie koning zijn.
In latere teksten krijgt de belofte een bredere betekenis. Uiteindelijk zal God weer zorgen voor een koning uit de familie van David. Niet alleen in politieke zin, maar een koning die voor recht en vrede zal zorgen en over de hele aarde zal heersen (bijvoorbeeld Jesaja 11:1-10). In de geslachtslijst van Jezus in Matteüs 1 krijgt David als enige de titel ‘koning’. Juist door die titel bij alle tussenliggende namen weg te laten, onderstreept Matteüs dat de nieuwe koning die de wijzen zoeken de echte erfgenaam van koning David is. In hem komt Gods belofte helemaal tot vervulling.
Vraag:
Welke woorden uit Gods belofte aan David raken jou het meest? Wat hebben deze woorden voor jou met Kerst te maken?
