Wie volg jij? - Matteüs 7:15-8:1


Bijbeltekst(en)
Matteüs 7
Matteüs 8
Jezus waarschuwt ons in dit gedeelte voor twee dingen. Hij waarschuwt voor valse profeten: mensen die heel gelovig lijken, maar die de leerlingen ervan af willen houden om te doen wat Jezus zegt. Jezus geeft zijn leerlingen daarom ook een test mee om te bepalen of een profeet deugt: Net zoals de vruchten van een boom, kan je aan iemands daden zien of hij goed of slecht is . Aangezien je daden laten zien wat je gelooft, ontdek je – vroeg of laat – wat iemand ten diepste beweegt. Jezus waarschuwt ook voor verkeerde ideeën over jezelf. Als mens kun je jezelf namelijk snel voor de gek houden. Ook de leerlingen van Jezus kunnen snel denken dat ze er wel zijn als ze ‘Heer!’ tegen Hem zeggen. Maar dit verhaal ontmaskert elke vorm van zelfbedrog. Als je bij alles wat je doet Jezus’ naam noemt, maar niet doet wat God wil, dan sla je de bal/plank mis.
Jezus eindigt zijn toespraak met een gelijkenis. Hij stelt daarmee een vraag aan de luisteraars: Wat ga je nu eigenlijk doen met Mijn woorden?
