4De gelovigen uit Jeruzalem vluchtten naar allerlei plaatsen. Overal vertelden ze het goede nieuws over Jezus.
5Filippus ging naar de stad Samaria. Daar vertelde hij dat Jezus de messias is. 6Alle mensen luisterden goed naar wat Filippus vertelde. Want ze zagen dat hij wonderen deed. 7Veel mensen werden bevrijd van kwade geesten, die schreeuwend uit hen weggingen. En veel mensen die niet konden lopen, werden beter gemaakt. 8Iedereen in de stad was blij om wat er gebeurde.
Simon de tovenaar laat zich dopen
9In Samaria woonde al heel lang een man die toverkunsten kon doen. Die man heette Simon. Hij zei van zichzelf dat hij heel bijzonder was. De inwoners van Samaria waren diep onder de indruk van hem. 10Ze dachten: ‘Dit is de man die Gods kracht in zich heeft.’ Daarom luisterde iedereen goed naar hem.
11Ze luisterden zo goed naar Simon omdat ze steeds weer onder de indruk waren van zijn toverkunsten. 12Maar toen Filippus vertelde over Gods nieuwe wereld en over Jezus Christus, gingen de mensen daarin geloven. Mannen en vrouwen lieten zich dopen.
13Ook Simon ging geloven en liet zich dopen. Hij bleef steeds bij Filippus in de buurt. Hij was diep onder de indruk van alle wonderen die Filippus deed.