Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

6 september - Handelingen 10:23b-48

Bijbeltekst(en)

23Daarop nodigde Petrus de mannen uit om binnen te komen en bood hun onderdak.

De volgende dag ging hij samen met hen op weg, en enkele gelovigen uit Joppe gingen met hem mee. 24Een dag later kwam hij in Caesarea aan, waar hij werd opgewacht door Cornelius, die zijn familieleden en zijn naaste vrienden bijeen had geroepen. 25Toen Petrus het huis wilde binnengaan, kwam Cornelius hem tegemoet, en hij wierp zich in aanbidding neer aan zijn voeten. 26Maar Petrus hielp hem overeind en zei: ‘Sta op. Ik ben ook maar een mens.’ 27Al pratend met Cornelius ging hij naar binnen, waar hij een groot aantal mensen aantrof. 28Hij zei tegen hen: ‘U weet dat het Joden verboden is met niet-Joden om te gaan en dat ze niet bij hen aan huis mogen komen, maar God heeft me duidelijk gemaakt dat ik geen enkel mens als verwerpelijk of onrein mag beschouwen. 29Daarom heb ik me niet verzet toen ik naar u toe werd gestuurd. Mag ik weten waarom u mij hebt laten komen?’ 30Cornelius antwoordde: ‘Vier dagen geleden zei ik op ditzelfde tijdstip in mijn huis het namiddaggebed toen er opeens een man in een stralend gewaad voor me stond, 31die me als volgt toesprak: “Cornelius, je gebed is verhoord en God heeft je giften van barmhartigheid aanvaard. 32Stuur daarom iemand naar Joppe om Simon, die ook Petrus genoemd wordt, te laten komen; hij verblijft bij Simon, de leerlooier, in een huis aan zee.” 33Ik heb meteen een paar mannen naar u toe gestuurd, en het is goed dat u gekomen bent. We zijn hier ten overstaan van God bijeen om te luisteren naar alles wat u door de Heer is opgedragen.’

34Daarop nam Petrus het woord en zei: ‘Nu begrijp ik pas goed dat God geen onderscheid maakt tussen mensen, 35maar zich het lot aantrekt van iedereen, uit welk volk dan ook, die Hem vereert en rechtvaardig handelt. 36God heeft aan de Israëlieten bekendgemaakt dat Hij door Jezus Christus het goede nieuws van de vrede is komen brengen. Deze Jezus is de Heer van alle mensen. 37U weet wat er in heel het Joodse land is gebeurd, hoe het begon in Galilea, hoe God, na de doop waartoe Johannes opriep, 38Jezus van Nazaret met de heilige Geest heeft gezalfd en met kracht heeft bekleed. Hij trok als weldoener door het land en genas iedereen die in de macht van de duivel was, want God stond Hem bij. 39Wij zijn de getuigen van alles wat Hij gedaan heeft, in het land van de Joden en ook in Jeruzalem. Zeker, ze hebben Hem gedood door Hem aan een kruishout te hangen, 40maar God heeft Hem op de derde dag weer tot leven gewekt en Hem aan de mensen laten verschijnen, 41niet aan het hele volk, maar aan enkele getuigen die daartoe van tevoren door God waren aangewezen, aan ons namelijk, die samen met Hem gegeten en gedronken hebben nadat Hij uit de dood was opgestaan. 42Hij heeft ons opgedragen daarvan getuigenis af te leggen en aan het volk bekend te maken dat Hij het is die door God is aangesteld als rechter over de levenden en de doden. 43Van Hem getuigen alle profeten dat iedereen die in Hem gelooft door zijn naam vergeving van zonden krijgt.’

44Terwijl Petrus nog aan het woord was, daalde de heilige Geest neer op iedereen die naar zijn toespraak luisterde. 45De Joodse gelovigen die met Petrus waren meegekomen, zagen vol verbazing dat ook niet-Joden het geschenk van de heilige Geest ontvingen, 46want ze hoorden hen in klanktaal spreken en God prijzen. Toen merkte Petrus op: 47‘Wie kan nu nog weigeren deze mensen met water te dopen, nu ze net als wij de heilige Geest hebben ontvangen?’ 48En hij gaf opdracht hen te dopen in de naam van Jezus Christus. Daarna vroegen ze hem of hij nog enkele dagen wilde blijven.

Handelingen 10:23-48NBV21Open in de Bijbel
Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.18.6
Volg ons