18Vrouwen, erken het gezag van uw man, zoals het volgelingen van de Heer past. 19Mannen, heb uw vrouw lief en wees niet bitter tegen haar. 20Kinderen, gehoorzaam je ouders in alles, want dat is de wil van de Heer. 21Vaders, drijf uw kinderen niet tot het uiterste, want dat maakt ze moedeloos. 22Slaven, gehoorzaam uw aardse meester in alles, niet met uiterlijk vertoon om bij de mensen in de gunst te komen, maar oprecht en met ontzag voor de Heer. 23Wat u ook doet, doe het van harte, alsof het voor de Heer is en niet voor de mensen, 24want u weet dat u van de Heer een erfenis als beloning zult ontvangen. Dien Christus: Hij is uw meester! 25Iedereen die onrecht doet zal daarvoor boeten, en daarbij wordt geen onderscheid gemaakt.
Kolossenzen 4
1Meesters, geef uw slaven waar ze recht op hebben en wat redelijk is, want u weet dat ook u een meester hebt, in de hemel.
2Blijf bidden en blijf daarbij waakzaam en dankbaar. 3En bid dan ook voor ons, dat God deuren voor ons opent om zijn boodschap te verkondigen, het geheim van Christus, waarvoor ik gevangenzit, 4en bid dat ik het mag onthullen zoals het mijn plicht is. 5Gedraag u wijs tegenover buitenstaanders en benut het juiste moment; 6laat wat u zegt altijd aantrekkelijk zijn, sprankelend, en weet hoe u op iedereen moet reageren.