Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

15 januari - Spreuken 1:20-33

Bijbeltekst(en)

Spreuken 1

Oproep van Wijsheid

20Wijsheid roept in de straten,

over de pleinen klinkt haar stem,

21ze laat zich horen bij de poorten,

te midden van alle rumoer roept ze uit:

22‘Hoe lang nog, onnozele mensen,

hechten jullie aan je onvolwassenheid,

koesteren jullie, spotters, het eigen gelijk,

keren jullie, dwazen, je tegen kennis?

23Luister, neem mijn berispingen ter harte –

dan beziel ik je met mijn geest,

dan laat ik je delen in mijn wijsheid.

24Maar toen ik je riep, wees je me af,

toen ik je mijn hand bood, nam je die niet aan.

25Al mijn goede raad heb je in de wind geslagen,

elke berisping heb je genegeerd.

26Daarom lach ik om je ellende,

schater ik het uit om je ongeluk,

27wanneer het ongeluk op je afkomt als een storm,

de ellende als een onweer over je losbarst,

leed en nood je treffen.

28Dan zul je me roepen, maar ik antwoord niet,

je zult me zoeken, maar je vindt me niet.

29Want je was afkerig van mijn kennis

en toonde geen ontzag voor de HEER.

30Je nam mijn raad niet aan

en verachtte mijn berispingen.

31Daarom pluk je de wrange vruchten van je plannen,

je daden liggen je zwaar op de maag.

32Want wie onnozel is, gaat aan zijn halsstarrigheid ten onder,

en zelfgenoegzaamheid brengt de dwazen om.

33Maar wie naar mij luistert zal veilig zijn,

hij hoeft geen angst te hebben voor het kwaad.’

Spreuken 1:20-33NBV21Open in de Bijbel

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.44.0
Volg ons