Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

Maandag 30 maart

Bijbeltekst(en)

1Op dat moment kwamen de leerlingen Jezus vragen: ‘Wie is eigenlijk de grootste in het koninkrijk van de hemel?’ 2Hij riep een kind bij zich, zette het in hun midden neer 3en zei: ‘Ik verzeker jullie: als je niet verandert en wordt als een kind, dan zul je het koninkrijk van de hemel zeker niet binnengaan. 4Wie zichzelf vernedert en wordt als dit kind, die is de grootste in het koninkrijk van de hemel. 5En wie in mijn naam één zo’n kind ontvangt, die ontvangt Mij. 6Maar wie een van de geringe mensen die in Mij geloven ten val brengt, die kan maar beter met een molensteen om zijn nek in zee geworpen worden en in de diepte verdrinken. 7Wee de wereld met haar valstrikken. Want dat er valstrikken zijn is onvermijdelijk, maar wee de mens die de valstrik zet! 8En als je hand of je voet je ten val brengt, hak hem dan af en werp hem weg: je kunt beter verminkt of kreupel het leven binnengaan dan in het bezit van twee handen of twee voeten in het eeuwige vuur geworpen worden. 9Brengt je oog je ten val, ruk het dan uit en werp het weg: je kunt beter met één oog het leven binnengaan dan in het bezit van twee ogen in het vuur van de Gehenna geworpen worden.

10Waak ervoor ook maar een van deze geringe mensen te verachten. Want Ik zeg jullie: hun engelen in de hemel aanschouwen onophoudelijk het gelaat van mijn hemelse Vader. 12Wat denken jullie? Als iemand honderd schapen bezit en een daarvan dwaalt af, zal hij er dan niet negenennegentig in de bergen achterlaten en op weg gaan om het afgedwaalde dier te zoeken? 13Als hij het vindt, dan zal hij zich, dat verzeker Ik jullie, over dat ene meer verheugen dan over de negenennegentig andere die niet afgedwaald waren. 14Zo is het ook bij jullie Vader in de hemel: Hij wil niet dat een van deze geringe mensen verloren gaat.

15Als je broeder of zuster tegen je zondigt, moet je die persoon onder vier ogen daarop aanspreken. Als hij luistert, heb je hem teruggewonnen. 16Luistert hij niet, haal er dan een of twee anderen bij, want een aanklacht is rechtsgeldig met een verklaring van ten minste twee getuigen. 17Als hij ook naar hen niet luistert, leg het dan voor aan de gemeente. Weigert hij ook naar de gemeente te luisteren, behandel hem dan als een heiden of een tollenaar. 18Ik verzeker jullie: alles wat jullie op aarde bindend verklaren zal ook in de hemel bindend zijn, en alles wat jullie op aarde ontbinden zal ook in de hemel ontbonden zijn. 19Ik verzeker het jullie nogmaals: als twee van jullie hier op aarde eensgezind om iets vragen, wat het ook is, dan zal mijn Vader in de hemel het voor hen laten gebeuren. 20Want waar twee of drie mensen in mijn naam samen zijn, ben Ik in hun midden.’

Matteüs 18:1-20NBV21Open in de Bijbel

‘Ach kind, wat weet jij daar nu van…’ Hoewel kinderen tegenwoordig meer centraal worden gesteld dan vroeger, worden ze vaak niet voor ‘vol’ gerekend. Maar juist de mensen die door anderen niet voor vol worden aangezien, doen volgens Jezus precies wat de bedoeling is!

Juist zij die weten dat ze afhankelijk zijn en geen macht hebben, zijn belangrijk. Ze zijn een beeld voor de gelovigen, die weten dat ze afhankelijk zijn van God. Daarom vertelt Jezus ook een verhaal over een herder die dat ene afgedwaalde dier gaat zoeken. Dat ene dier hoort er helemaal bij! Zo moeten wij ook met elkaar omgaan, zegt Jezus. Je moet je niet afvragen of jij de belangrijkste bent, maar de ander – die in jouw ogen misschien niet voor ‘vol’ gerekend kan worden – als belangrijk zien. Hij of zij is het meer dan waard om moeite voor te doen.

Vraag: Bid vandaag voor iemand die door anderen vaak niet voor ‘vol’ wordt aangezien.

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.21.9
Volg ons