Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

Het boek Job in het pastoraat

Hoe kan Job vruchtbaar ingebracht worden in de praktijk van het pastoraat? Twee predikanten die een boek schreven over Job, vertellen over hun ervaringen.

Leven zonder oplossing

Er is geen boek in de religieuze literatuur dat zoveel ruimte geeft aan de klacht, het lijden en de grote waarom-vragen als het boek Job. Hoofdstukken lang horen wij Job zijn geboortedag vervloeken en daagt hij zijn God voor het gericht.

Zijn zogenaamde vrienden zijn voor hem als een uitgedroogd stroompje in dorre vlakten. Na een week gezwegen te hebben bij de mens die alles wat hij had moest verliezen, kunnen zij zich niet meer inhouden. Zij zoeken verklaringen voor het leed dat Job treft. En ze komen op de proppen met hun grote God die nooit onschuldigen zou treffen. Mooie theologische betogen zetten zij tussen hen en Job in. De vrienden van Job kunnen niet leven met vragen. Ze willen antwoorden. En daarvoor gebruiken zij hun religieuze discours. Maar wie ze over het hoofd zien, is Job. Zij kunnen zijn lijden niet aan. En met hun dogmatische formats maken ze Job nog eenzamer dan hij al was.

In hoofdstuk 19 geeft Job taal aan die eenzaamheid zoals ik die nog nergens ben tegengekomen. Zo aangrijpend en, zo blijkt in het pastoraat, ook zo herkenbaar. Hij heeft het over zijn huisgenoten die hem beschouwen als een vreemde. Over zijn vrouw die klaagt over zijn adem. Over de jongeren die hem verachten en over zijn vertrouwelijke vrienden die zich tegen hem keren. En dan roept hij het uit:

Ik weet nog goed dat ik deze tekst las tijdens een gesprek met een naar grote depressies neigende jonge vrouw. Ik kon haar maar moeilijk bereiken in dat gesprek. Ver weg was ze. Vol emoties die zij niet kon uiten. Maar toen ik deze tekst met haar las, keek ze verwonderd op en riep: ‘Dit is precies wat ik voel!’ Ergens in dat grote, kille universum lag er blijkbaar een tekst die onder woorden kon brengen wat zij nog niet eerder onder woorden gebracht vond.

Wat Job uitroept vanuit zijn grote ‘Kyrie!’ is de wens om gehoord, om gelezen te worden. En doordat dit is opgeschreven, is dit boek een groot troostgeschenk voor allen die zich niet gehoord weten.

Het lijkt of Job zich hier werkelijk op de bodem van zijn afgrond bevindt. Nergens is er een stem van boven. Laat staan een engel die neerdaalt. Nergens een hand die hem ondersteunt. Niemand die de tranen uit zijn ogen wist. Maar met dat hij dit uitschreeuwt, is er ineens ruimte om, heel onverwacht, te kunnen zingen: ‘Maar ik weet dat mijn verlosser leeft!’ Geen vrome frase, zoveel is duidelijk. Daarna komen hoofdstukkenlang weer de klacht en de verbijstering aan het woord. Maar dwars door die gitzwarte context breekt wel even het licht binnen dat heel het boek Job draagt.

In die Job kon het nog weleens gaan over het diepste geheim dat ons mensen gaande houdt. En daarom is dit boek in een tijd waarin iedereen geobsedeerd lijkt door het ‘gelukkig-zijn’ (Dirk De Wachter) een welkom tegengeluid.

Dr. Ad van Nieuwpoort is als predikant verbonden aan de protestantse Duinzichtkerk in Den Haag. Hij schreef in coronatijd: Leven! zonder oplossing, de parabel van Job als levensles, Amsterdam 2021 (inmiddels viermaal herdrukt).

Niets uitgelegd, alles uitgesproken

Het lijden blijft vragen oproepen. Het klopt in onze beleving niet. ‘Als God én machtig én liefdevol is,’ zeggen velen, ‘hoe bestaat het dan dat er zoveel pijn en verdriet is?’ Daarbij voelt het vaak gemeen en onrecht-vaardig als je ziet wie wat overkomt. Links- of rechtsom wordt God vaak de kop van Jut. Hij moet het ontgelden. Dit is het ultieme bewijs dat God ‘fake’ is.

Gelovigen gaan niet zo ver, al is het voor hen even ongerijmd. Het kwaad dat hen treft kan bij hen zelfs dubbel zo hard aankomen, omdat het niet alleen hun bestaan maar ook hun vertrouwen raakt. In die zin heb je als gelovige een extra probleem: je moet niet alleen het leed verstouwen, maar je moet ook dealen met de vertwijfelde vragen van je hart.

In de verbijstering zijn mensen altijd weer geneigd op zoek te gaan naar de zin van wat hen overkomt, naar een ‘waarom’ of een ‘waartoe’, een reden of een bedoeling. Vaak komt daarbij het boek Job ter sprake. En terecht. Uitgerekend in dit boek wordt uitvoerig bij deze problematiek stilgestaan en gezocht naar mogelijke antwoorden op heftige vragen. Het nameloze leed dat de gelovige Job treft, is enerzijds te erg voor woorden – zijn vrienden zitten zeven dagen zwijgend bij hem. Anderzijds laat het zich niet stilzwijgend aanvaarden – na het zwijgen wordt luid geklaagd en volop gedebatteerd. De kern van het probleem is de hechte relatie tussen God en Job: hoe kan het bestaan dat een rechtvaardige, een mens die deugt voor God en mensen, zó ongenadig geslagen wordt dat hij op één dag alles verliest. Noch Job noch zijn vrienden willen God kwijt. De vraag is dan hoe je God vasthoudt. Hoe Hij met dit dramatische gebeuren te verbinden is.

Er valt veel te leren van hoe Job als geteisterd en gestript mens omgaat met alles wat hij heeft te verduren. Alle vragen, die hoog en dwars zitten, gooit hij eruit. De klachten en verwijten aan Gods adres zijn heftig, maar hij slikt niets in. Er valt ook het nodige te leren van hoe de vrienden Job bijstaan en met hem omgaan. Ze zoeken Job oprecht te helpen om greep te krijgen op de zin van zijn lijden en hem zodoende in de verbijstering (opnieuw) houvast te geven aan God. Maar ze slaan de plank steeds mis. Job blijft hun verklaringen hardnekkig van de hand wijzen en weigert zich erdoor te laten troosten. Het gelijk zit aan Jobs kant, zo blijkt aan het eind van het boek. Tegelijk blijkt ook Jobs herhaalde bewering – dat God zich tegen hem gekeerd heeft en in blinde woede verplettert – niet te deugen. Al met al blijft antwoord uit. Alleen God, zoals Hij is, blijft over. Wonderlijk genoeg doet dat meer goed dan welke verklaring ook maar. Job legt de hand op zijn mond en buigt in ontzag, om zich meer dan ooit aan deze Ene toe te vertrouwen.

Dit slot doet denken aan het begin, toen Job in alle misère riep: ‘De HEER heeft gegeven, de HEER heeft genomen, de naam van de HEER zij geprezen.’ ‘Maar als Job eindigt zoals hij begon,’ vraag je, ‘waarom dan die ingewikkelde route van heftige gesprekken?’ Toch is dat niet voor niks. Zonder die route wordt het zomaar een vrome slogan en goedkope waarheid, die eerder kwaad bloed zet dan goed doet.

Het boek Job laat zien dat het toppunt van geloven niet is dat je zonder slag of stoot alles aanvaardt en je zondermeer bij het ongerijmde neerlegt. Het is andersom. Juist wie God hoog heeft, gaat ook het gevecht met Hem aan. Want uitgerekend dan, als Hij niet meer te volgen is, wil je eens te meer weten wat je aan Hem hebt. Het gegroeide vertrouwen in God verdroeg het niet dat Hij onbetrouwbaar zou zijn. Daarom liet Job zich door niemand iets aanpraten. Alleen het spreken van God zelf, zo blijkt, kon de doorslag geven. Hoe gestript en geteisterd Job ook was, Gods spreken was genoeg om Jobs vertrouwen voluit te herwinnen.

Anders dan Satan had voorspeld, verloor Job zijn geloof niet. Hoe dat kon? Omdat alles, al kreeg Job geen uitleg, tot op de bodem uitgesproken werd tussen hem en God.

Dr. Paul Visser is predikant van de protestantse Maranathakerk in Rotterdam-Zuid. Samen met Johan Visser schreef hij over Job: Op het scherp van de snede, Utrecht 2022.

Bronvermelding

Ad van Nieuwpoort, 'Leven zonder oplossing' in: Met Andere Woorden 42/1 (april 2023), 36-37.

Paul Visser, 'Niets uitgelegd, alles uitgesproken' in: Met Andere Woorden 42/1 (april 2023), 38-39.

Vakblad Met andere woorden

Met Andere woorden is hét tijdschrift dat je up-to-date houdt over het vertalen van de Bijbel. Ook biedt Met Andere Woorden inspirerende artikelen op het snijvlak van vertalen en Bijbeluitleg.

Lees meer

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.13.13
Volg ons