Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

4-4-2026

HOMILETIEK (preekvoorbeeld en inspiratie)

Het kan donker zijn in ons leven, donker door onze angst, ziekte, eenzaamheid of door dat alles tegelijk. Donker is het als we alle hoop op toekomst hebben verloren, als onze idealen in duigen zijn gevallen, wanneer een relatie met een geliefde werd verbroken of een geliefd iemand is gestorven. Al die pijnlijke ervaringen worden opgeroepen door de duisternis waarmee deze paaswake begon…

Maar in die duisternis ging vuur branden en werd een licht ontstoken. Zo werd uitgebeeld dat Gods Licht zich een weg zoekt doorheen ons leven. Alles wat ons bezighoudt, de toekomst van onze kinderen en kleinkinderen en het lot van de hele wereld, op dat alles hebben we slechts echt zicht als we het – wie weet na hoeveel moeite – kunnen zien in het licht van een heel nabije God die met ons meevoelt. Dan merk je dat God woorden spreekt van troost en bemoediging, woorden die toekomst verzekeren over elke duisternis heen.

Zo hoorden we in het verhaal van de schepping: God roept dat er licht moet zijn. Duisternis en chaos worden verdreven, en er was licht! En in het verhaal van de uittocht uit Egypte hoorden we dat onze God zijn volk uit de slavernij bevrijdt. Al is er nog zoveel dat we over God niet weten, is het toch onze overtuiging dat onze God een God is die mensen tot leven roept en wil dat we bevrijd kunnen leven. Soms zien we het, misschien maar even, dat we op geen enkele manier uit Gods hand vallen. Zoals Jezus die in dat zwarte gat van de dood viel, maar opgevangen werd door een God-die-Liefde is.
Van dit ‘mysterie van ons geloof’ getuigt het evangelieverhaal. En om te laten zien dat God in dit hele gebeuren heel intens betrokken is, komt ook hier een engel van de Heer in het verhaal voor. Dankzij God heeft Jezus de dood achter zich gelaten voor een heel nieuw leven. Onomwonden staat er dat de gekruisigde Jezus door God uit de dood is opgewekt; niet dat een dode Jezus weer levend is geworden (en dan later nog eens is moeten sterven). De verrijzenis brengt Hem niet terug tot een bestaan als voor zijn dood. Hij is niet teruggekeerd, maar Hij is aangekomen. Hij werd opgewekt tot een niéuw leven in Gods intimiteit. Dat is ‘eeuwig leven’, niet een eeuwigdurend leven, maar een onbeperkt ervaren van geluk, want opgenomen in een

Liefde zonder eind.
Van buitenaf bekeken lijkt Jezus’ leven een mislukking. Zijn vijanden hadden Hem gedood en waren ervan overtuigd dat ze Hem voorgoed het zwijgen hadden opgelegd. Maar dat liet God niet zomaar gebeuren. God bleef Jezus trouw en heeft Hem uit de dood opgetild. Maar slechts na verloop van heel wat tijd geloofden zijn leerlingen dat Hij leeft. Geleidelijk ervaarden ze dat Hij hen niet in de steek laat en dat Hij op een gans andere manier met hen is. Uit die ervaring kwamen ze tot het inzicht dat Hij niet in de dood is gebleven, maar dat Hij is opgestaan uit de dood. En daarvan getuigen ze. Ze moeten naar Galilea gaan, want daar is alles begonnen en ze moeten weer van vooraf aan beginnen.

Als jaren later de evangeliën tot stand komen zijn het geen reportages, geen ooggetuigenverslagen, maar een manier om vooral in beelden en verhalen hun geloof uit te drukken dat Hij er is, ook al is Hij gestorven. Ze bieden ons goede gronden om ons vertrouwen te schragen, bewijzen zijn er niet en meer informatie hebben we niet.

En wij, hier samen in deze Paaswake, wij proberen Jezus op zijn weg te volgen tot ook wij ooit zullen thuiskomen bij God en onbeperkt van Gods Liefde zullen genieten. Naar die toekomst zijn we onderweg en onze hoop op die toekomst geeft zin en richting aan ons leven. Maar dat houdt een enorme uitdaging in voor ieder van ons, want het is Gods vurigste wens dat aan elke duisternis en aan al het kwaad in de wereld een einde komt. En daarvoor rekent God ook op ons.

Overal waar sindsdien mensen leven in de stijl van Jezus en opkomen tegen haat en terreur, honger en geweld, of voor het behoud van de schepping, daar gebeurt opstanding. Zo kan ons leven ook een opstandingsverhaal zijn, wanneer we – in de mate en op een manier die voor ons haalbaar is – elkaar aanvaarden, voor elkaar zorgen, elkaar troosten, elkaar vergeven… Dan is verrijzenis een gebeuren dat voortduurt, dat geschiedenis maakt; en dat is al heel veel liefde metterdaad, al is het allemaal nog onaf en verre van volmaakt. Maar we geloven dat wat we tijdens ons leven samen met anderen in liefde hebben opgebouwd, bij onze dood door God wordt voltooid. Geloven in leven na de dood is dan geloven dat ons leven geen doodlopende weg is, maar uitloopt op niets dan Liefde-met-een-hoofdletter. Dat is de radicalisering van ons geloof dat God trouw is aan ons, en Hij houdt niet op trouw te zijn als ons hart het begeeft of onze hersenen uitvallen. Juist in deze wereld die getekend is door gruwel en geweld, wordt het mogelijk ánders naar de realiteit te kijken en een ander verhaal te vertellen, een opstandingsverhaal dat zegt dat dood en geweld, haat en vijandigheid, niet het laatste woord hebben. Daaruit kunnen we moed en geloof putten, voor vandaag en morgen.

door: Paul Heysse
bron: Tijdschrift voor Verkondiging 98-02

 

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.46.1
Volg ons