Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap

2 Samuel 7:4-20 – Preekinspiratie

Waar gaat het om in dit gedeelte?

Invalshoeken voor de verkondiging

Context van 2 Samuel 7:4-20 

Aantekeningen per vers

4Maar diezelfde nacht richtte de HEER zich tot Natan:

2 Samuel 7:4NBV21Open in de Bijbel

5‘Zeg tegen mijn dienaar, tegen David: “Dit zegt de HEER: Wil jij voor Mij een huis bouwen om in te wonen?

2 Samuel 7:5NBV21Open in de Bijbel

6Ik heb toch nooit in een huis gewoond, vanaf de dag dat Ik de Israëlieten uit Egypte heb geleid tot nu toe! Al die tijd trok Ik rond in tent en tabernakel.

2 Samuel 7:6NBV21Open in de Bijbel

7Alle stamgebieden van Israël heb Ik doorkruist, en heb Ik ooit aan een van de herders van Israël, die Ik had aangesteld om mijn volk te weiden, gevraagd om voor Mij een huis van cederhout te bouwen?”

2 Samuel 7:7NBV21Open in de Bijbel

9Ik heb je bijgestaan in alles wat je ondernam, Ik heb al je vijanden voor je uitgeschakeld. Nu zal Ik je naam vestigen als een van de groten der aarde.

2 Samuel 7:9NBV21Open in de Bijbel

10Ik zal aan mijn volk Israël een gebied toewijzen. Daar zal Ik het planten en daar kan het onbevreesd wonen. Het zal niet langer door misdadige volken onderdrukt worden, zoals toen het er pas woonde

2 Samuel 7:10NBV21Open in de Bijbel

11en Ik rechters over mijn volk Israël had aangesteld. Jou zal Ik rust geven door je van je vijanden te verlossen. De HEER zegt je dat Hij voor jou een huis zal bouwen:

2 Samuel 7:11NBV21Open in de Bijbel

12Wanneer je leven voorbij is en je bij je voorouders te ruste gaat, zal Ik je laten opvolgen door je eigen zoon en hem een bestendig koningschap schenken.

2 Samuel 7:12NBV21Open in de Bijbel

13Hij zal een huis bouwen voor mijn naam, en Ik zal ervoor zorgen dat zijn koninklijke troon nooit wankelt.

2 Samuel 7:13NBV21Open in de Bijbel

14Ik zal een vader voor hem zijn en hij voor Mij een zoon: als hij zondigt, zal Ik hem kastijden met stok- en zweepslagen, zoals een vader doet,

2 Samuel 7:14NBV21Open in de Bijbel

16Jou stel Ik in het vooruitzicht dat je koningshuis eeuwig zal voortbestaan en je troon nooit zal wankelen.”’

2 Samuel 7:16NBV21Open in de Bijbel

17Natan bracht alles wat hij had gezien en gehoord aan David over.

2 Samuel 7:17NBV21Open in de Bijbel

18Koning David ging het heiligdom binnen, nam plaats voor de HEER en bad: ‘Wie ben ik, HEER, mijn God, wat is mijn familie, dat U mij zo ver hebt gebracht?

2 Samuel 7:18NBV21Open in de Bijbel

19En alsof dat nog niet genoeg was, HEER, mijn God, hebt U ook gesproken over de toekomst van mijn koningshuis. Moge dit de mensheid tot wet worden gesteld, HEER, mijn God.

2 Samuel 7:19NBV21Open in de Bijbel

Achtergrondinformatie 

Blijf op de hoogte

Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschapv.4.46.0
Volg ons